In Jezus ontslapen - pagina 73
„DE GEESTEN DER VOLilAAKT KECHTVAARDIC4EN
.
Alsook in Openb. 20 4: „Ik zag f?? 2?>/e« devgenen die onthoofd waren om het getuigenis van Jezus." Toch drukt daarom ziel en geeM niet hetzelfde uit. Moet het onzichtbare van ons wezen worden uitgedrukt, in tegenstelling van ons zienlijk lichaam, dan wordt bijna altoos van ziel^ en bijna nooit van geed gesproken. Zal daarentegen worden uitgedrukt, hoe van ons onzichtbaar :
leven, onafhankelijk van het lichaam, kracht, actie, leven uitgaat, dan is geest het meest-zeggende woord. leuiand die dood in de zonde was, had dan in hoogeren zin geen geest in zich: maar hij wiens ziel uit dien dood in zonde levend werd gemaakt, heet een geedelijk mensch, deels omdat hij door den Geest geleid wordt, deels omdat zijn zielsleven tot zijn
ware
actie
gekomen
is.
Dit moest hier opgemerkt, omdat met name uit allerlei Duitsche boeken de echt-Duitsche voorstelling, als bestond een mensch uit lichaam, ziel en geest, den laatsten tijd ook onder ons binnendrong, en vooral door de school ingang vond. Yoor ons daarentegen moet het blijven bij wat Jezus sprak: „Vreest niet voor degenen die het lichaam dooden, maar de ziel niet kunnen dooden, doch vreest veel meer Hem, die ziel en licJtaam. kan verderven in de hel." Alleen ziel en lichaam dus. Maar moet uitgedrukt, dat die ziel tot hooger bewustzijn, tot geheiligde kracht opwaakt. dan wordt van geest gesproken. Daarom gaat het Woord Gods, als een scherpsnijdend zwaard door tot de verdeeling der ziel en des geestes, en klimt de bede op, dat de God des Vredes de geheel oprechte geest en ziel en lichaam onberispelijk beware in de toekomst van onzen Heere Jezus Christus.
Dit nu
ook op onze afgestorvenen van toepassing. ze lijdelijk voor, als slachtoffers der vervolging, heeten ze - de zielen dergenen die gedood zijn." Maar wordt hen gehandeld als die leven uit het geloof, dan heeten ze is
Komen
dan van ,
de
volmaakt rechtvaardigen." Of ook wordt van hen gesproken als volhardende in hun ongeloof, dan heeten ze „ de geesten die in de gevangenis zijn."
geesten
Dat
der
ligt in
het woord
zelf.
Als de koningin van Scheba verbluft staat over de weelde van Salomo's koningschap, heet het „dat in haar geen geest meer
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902
Abraham Kuyper Collection | 292 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902
Abraham Kuyper Collection | 292 Pagina's