De gemeente gratie - pagina 399
Tweede deel. Het leerstellige gedeelte.
GEBONDEN EN TOCH die niet
meer het
395
VRIJ.
nog niet de eindtoestand
Paradijs, én toch
en het
is;
is
deze tusschenstaat, waaruit én onze voorstelling van de Voorzienigheid
Gods
is
geboren, én die geheel gekarakteriseerd wordt door het optreden
van de „gemeens
gratie". Iets waaruit volgt, dat beide onafscheidelijk zijn.
MI. Middellijke werking.
Want
Hij zal zijne engelen
waren in
alle
van u bevelen, dat
u be-
zij
Psalm 91
uwe wegen.
11.
:
komt alzoo niet enkel zijdelings met de Voorziemaar wordt geheel door Gods Voorzienig bestel omsloten, en komt er uit op. Mag dan ook de Gereformeerde Dogmatiek zich zuiver in haar lijnen ontwikkelen, dan zal de „gemeene gratie", zoolang
De „gemeene
nigheid
ze
in
gratie"
aanraking,
nog geen eigen plaats veroverde, ten principale onder het stuk der
Voorzienigheid te behandelen dezer plaatse niet verder
uit.
De
zijn.
Intusschen laten
we
ons hierover te
goede rangschikking van de onderscheidene
stukken der waarheid in de Dogmatiek
stelt
den geleerde voor een zoo
uiterst moeilijk en ingewikkeld vraagstuk, dat het zeer twijfelachtig
men
anders dan door vele geleidelijke overgangen
uit
is,
of
de dusver zoo ge-
brekkelijke indeeling en slecht geregelde volgorde het principieel juiste en in
elk
opzicht steekhoudende zal
moeilijke quaestie tot klaarheid te
bepalen er ons daarom
toe,
om
bereiken; doch in geen geval
brengen
te wijzen,
in
een populair betoog.
we
daarbij het
deze
We
op het onafscheidelijk verband
tusschen de „gemeene gratie" en de Voorzienigheid, dat
is
al
spreekt het vanzelf
begrip van Voorzienigheid beperken tot de instand-
houding en regeering der dingen van den val af tot aan het laatste oordeel. Niet, gelijk
we
uitdrukkelijk opmerkten, alsof
we loochenen
zouden, dat de
en daarna voortduurt, maar omdat de werking der Voorzienigheid zich aan ons alleen onder het dubbele teeken
Voorzienigheid ook daarachter
ligt
van vloek en genade, van toorn en van gratie voordoet. Zonderen we daarbij nu het werk der particuHere genade uit, overmits dit wel door het Voorzienig bestel is heengeweven, maar toch gemeenlijk bij de leer aangaande den Christus en de redding van zondaren afzonderlijk aan de orde komt, dan is het met name de „gemeene gratie", die in de leer der Voorzienigheid haar natuurlijke plaats vindt, en die principieel, gelijk te
herleiden
is
we
zagen,
tot Gods Voorzienig bestuur ook in de geestenwereld. Al-
leen doordien ook de duivel en
demonen
zich „niet roeren noch
bewegen
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902
Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902
Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's