De gemeente gratie - pagina 565
Tweede deel. Het leerstellige gedeelte.
561
HET verzekeringswezen!
Wel
staande.
loopt er óók eeu persoonlijke rekening voor ieder afzonderlijk
onder door, en in zooverre draagt, naar het apostolisch woord, een
we
iegelijk
eigen pak. Maar behalve die persoonlijke en aparte rekening staan
zijn
saam, als ééne groote maatschappij,
allen
en daarom zegt dezelfde apostel
:
Br aagt
pak
hoofdzaak de afrekening voor het eigen
Dan
schuld
hi
bij
God
te boek,
Nu
volgt in
elkanders lasten.
eerst in het laatste oordeel.
„verschijnt elk onzer voor den rechterstoel van Christus,
we
dragen, wat
En ook mag
in
niet
Ten
eerste, in tijden
God rechtstreeks iemands schuld hem Denk aan Kaïn, aan Saul, aan Judas. Dit
openbaring, als thuisbrengt.
mag
vergelding
te
ontkend, dat er reeds in dit leven drieërlei persoon-
afrekening kan plaats grijpen.
lijke
om weg
het leven gedaan hebben, hetzij goed, hetzij kwaad."
van bijzondere
in zijn levenslot
soort regelrechte
intusschen nooit van het terrein der bijzondere openbaring
op ons gewone leven worden overgebracht. Als thans iemand een misdaad
komt
heeft gepleegd, en den dag daarna
dan mag daarom niemand zeggen, dat gaat alleen dan door, als
afrekening,
als
we
dit
om
bij
was om
zijn
thans niet meer.
is,
een spoorwegongeluk,
en
zelf het er bij zegt,
openbaring gesloten
bijzondere
neele
God
hij
ons kortheidshalve zoo
misdaad. Zoo iets
dit geschiedt,
nu de
—
De tweede persomogen uitdrukken, is
geheel mystiek. Er overkomt u een ongeluk, of ook een pijnlijk lijden en
nadert
bitter, verdriet
u,
vreeze Gods trekt over
God dit
u
uw
wordt,
en ge
ziel,
leeft
uw
consciëntie wakker, en de
onder de gewaarwording, dat
zonde thuis zoekt. Hieruit volgt echter in het minst
bepaalde lijden u
gelegd. Of
en opeens wordt
uw
is
om
die of die bepaalde zonde door
niet,
dat
God wordt
op-
het niet duidelijk, dat deze consciëntiepijn te minder gevoeld
naarmate iemand
vruchtiger is?
en te sterker naarmate iemand god-
slechter,
Een ruwer persoon
zal
onder krankheid die
hem overkomt
zoo weiuig consciëntie vreeze gevoelen en zoo volstrekt niet tot verootmoediging komen, zijn
dat
hij
vaak nog op
boosheden voortzet en
zijn
zijn
krankbed, ja tot op
God door vermetele
zijn
taal tergt.
kind Gods daarentegen, zal door eiken ernstigen tegenspoed die
aanstonds tot het indenken van die
zijn
sterfbed
Een vroom
hem
zonden worden gebracht, ook
treft,
al zijn
zonden van zoo weinig in het oog springenden aard, dat een ruwer
mensch
er van
verre geen zonde in zou zien.
van regelrechte afrekening van Gods sciëntiepijn
geldt,
die
in
plaats
daarbij is
bij
uw God
leeft?
We
ontkennen
het minst het betrekkelijk deel waarheid niet, dat ook in deze
mystieke zelfaanklacht stelling
doorgaan, waar het een con-
de ruwe mensch niet gewaar wordt, en die u te
sterker aangrijpt naarmate ge dichter
daarom
zijde
Hoe nu zou het denkbeeld
altoos
maar weerspreken de meening, alsof onze voormet Gods bedoeling saamviel. — En in de derde
ligt,
er een persoonlijk thuiszoeken uit genade. Stel, in het hart
een kind van God woelt een zondige neiging. Er
is in
zijn
van
hart naar dien
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902
Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902
Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's