De gemeente gratie - pagina 249
Tweede deel. Het leerstellige gedeelte.
INWERKING VAN DE PARTICULIERE GENADE OP DE GEMEENE GRATIE. oog op de zaligheid
in
245
de sfeer der particuliere genade hebben. Beweerd
wordt alleen dat ze, behalve dit rechtstreeksche doel, ook een zydelingsche werking hebben uitgeoefend en nog uitoefenen, en dat dit zijdelingsche
om
strekt,
effect
het menschelijk leven tot een hooger standpunt op te
voeren, rijker te maken, te veredelen en in zijn volheid tot ontplooiing te
doen komen. En dat niet slechts
in schijn,
want daargelaten nu het
vreeslijk
woelen der zonde en de schijn waaraan velen zich vergapen, mag
aller-
minst ontkend, dat er ook onder de kinderen der wereld in niet zoo kleinen
worden gevonden,
getale dezulken
„burgerlijke gerechtigheid"
door hun ernst en toewijding een
die
openbaren, die én schoon in zichzelve
verre uitgaat boven wat in vroeger eeuwen gekend
In het gemeen kan
men
is,
én
is.
zeggen, dat de scheidslijn die tusschen
modernen
en orthodoxen loopt, saamvalt met dit verschil in opvatting van het Chris-
tendom.
De moderne
„Christenen" (om hun nu dien naam, waarop ze zoo-
zeer prijs stellen even te laten) kennen geen ander Christendom dan dat
op menschelijke wijze,
zich
den mensch,
uit
als menschelijk levensideaal
ontwikkeld heeft. Enkelen hunner geven daarom nog wel
toe,
dat achter
deze menschelijke ontwikkeling de aandrift van het Oneindige gewerkt heeft,
en dat die aandrift van den Oneindige nog blijft
in veler
harten
tintelt,
maar
menschelijk-bekende
wikkeling
is
werkt.
het
In
lange proces dier menschelijke ont-
nergens breuke geweest.
De ééne
toestand heeft zich uit den
anderen toestand ontplooid. Dat Israël daarbij op religieus gebied zintuig toonde
te
van dat
en dat
volk,
bezitten, in
is
te
zijn persoonlijkheid.
den boezem van
En
al is
fijner
verklaren uit den eigenaardigen aanleg dit
volk niemand centraal het
was
godsdienstig leven rijker en dieper doorleefde dan Jezus,
van
dit
voor hen het Onbekende, dat toch nooit anders dan door het ons
resultaat
het nu, dat deze beide factoren, én Israëls
aanleg als volk, én Jezus' persoonlijkheid, weer product waren van andere factoren,
zoodat helder inzicht in alle atavistische gegevens, ons ook hier
elk geheimnis zou doen doorgronden, ons ontbreekt vooralsnog dat heldere inzicht,
dat ons misschien
nimmer
gegund worden. Maar vast staat
zal
niettemin als axioma, dat én Jezus én het Christendom niet alleen menschelijk zijn
in
wezen en natuur, maar ook geheel menschelijk
in
oorsprong
en over niet anders dan menschelijke krachten beschikten.
Het orthodoxe Christendom daarentegen
belijdt, zij
het ook onder ver-
schillende vormen, dat de gave kracht der menschelijke ontwikkeling door
het intreden der zonde gebroken als zijn Messias,
is,
en dat dientengevolge zoomin Israël
zoomin de wedergeboorte
als
de kerk,
uit
de evolutie van
den mensch gelegde krachten kan verklaard worden. Hier wordt alzoo tweeërlei factor gesteld de Goddelijke en de menschel^ke, de oorspronkelijk
in
:
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902
Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902
Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's