De gemeente gratie - pagina 342
Tweede deel. Het leerstellige gedeelte.
HET OPTREDEN DER GELOOVIGEN
338
breede terrein van
uw
IN
DE WERELD.
leven zóó uit te komen, dat ge den
Naam van uwen om
Heer geen smaadheid aandoet, maar onwillekeurig de wereld dwingt,
uw God
en
uw
Heiland te verheerlijken.
Dat verheerlijken worde intusschen lijken
niet verkeerd
hoogeren zin zal de wereld nooit
uw God
Hem
en
verstaan.
uw
In eigen-
Heiland verheer-
Maar ook zoo kan aan de wereld ontzag voor dien God worden ingeboezemd. Menig vader, die zelf niet gelooft, wil toch dat zijn kind in geloof zal worden opgevoed,
lijken.
Integendeel, ze staat altoos tegen
over.
omdat hij ziet dat de kinderen en jongelingen uit geloovige kringen toch in den regel minder losbandig worden, dan de kinderen en jongelingen uit de kringen der wereld. Welnu, dat is van de zijde der wereld op haar manier God verheerlijken. Als
men op
een kantoor gaarne een Christen
omdat men zegt: „Op die kerels kunt ge rekenen; die zijn eerlijk als goud", dan wordt in zulk een klerk God verheerlijkt. Als men zegt: „Die vrome dienstboden zijn lastig met al dat kerkgaan, maar ze dienen u trouw^, ze koken best en zijn niet uitlooperig", dan wordt in zulke dienst-
heeft,
boden God verheerlijkt. Dan toch erkent de wereld, haars ondanks, dat er van het geloof een kracht op het leven uitgaat, en dat die kracht en bruikbaar voor het leven werkt. Jongelingsvereenigingen zijn best, niet als ze onze jongen mannen witdassen, maar als ze hen uitdrijven, om elk in hun bedrijf, beroep en werkkring de eerste te zijn in kunde,
zedelijk
toewijding,
wereld blijde
in is,
trouw en
ijver.
En
dit alles rust
haar consciëntie zich niet zoo ze een
vrij
weer op de waarheid, dat de voelt, en deswege
van den Christus
Christen ziet dolen en vallen, omdat die nuttelooze
dan de stem van haar consciëntie smoort. Maar dan wordt ook diezelfde consciëntie der wereld geprikkeld en wakker geschud, zoo dikwijls de Avereld kennis maakt met Christenen, die haar eerbied inboezemen en belijdenis
respect afdwingen. is,
Dan toch
voelt ze, dat er in dien Christus een kracht
en van dien Christus een kracht uitgaat, waartegen
dan op zondige wijze verhardt.
zij
zich niet anders
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902
Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902
Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's