De gemeente gratie - pagina 658
Tweede deel. Het leerstellige gedeelte.
DE VERKORENEN TEN LEVEN.
654
Genadeverbond, Gods kerk op aarde
Naam
kerk Gods
te
heiligen,
tot
openbaring te brengen, in die
en Gods Koninkrijk te doen komen door
van alle kracht en gave en talent, niet het minst door de van ons leven en het betoon van liefde en barmhartigheid.
toewijding heiliging
En op
standpunt schikt zich alles
dit
minste gedwongenheid elk bezwaar.
en vervalt zonder de
als vanzelf,
De genade
blijft
dan Gods werk, en
uw
toebrenging ten leven dankt ge Gode en Gode alleen. Maar die God,
die
vrijmachtig ten leven brengt,
Hem
en van
Hem
is
alleen hangt het
uw
ook de Beschikker van af,
of Hij u als
lot.
Van
volwassene hier op
aarde zal doen optreden, of wel dat ge, vóór ge tot jaren van onderscheid
Hem
komt, door
naar beter Vaderland wordt opgeroepen. Roept Hij u
vroeger op, dan zal het licht van Christus niet hier, maar in den hemel
voor u opgaan, en zult ge in het heiligdom daarboven ingewijd worden in
de mysteriën van Christus' offerande. Ook
maar
heerlijken,
gij
zult
niet hier op aarde. Gij zult het
gezaligden daarboven doen. Dat
is
Naam
dan Gods
ver-
dan aanstonds onder de
het lot onzer vroeg wegstervende kin-
deren; gelijk ons bleek zoogoed als de helft van alle toegebrachten. Maar
God
diezelfde
beschikt even vrijmachtig over de andere helft zijner
uit-
verkorenen, en deze laat Hij hier wassen, opgroeien en volwassen worden,
en aldoor zich ontwikkelen tot steeds helderder geloofsbewustzijn. Niet voor die vroeg-wegstervenden, maar voor die laatsten Schrift.
Niet voor die eersten, maar voor die laatsten
is
de Heilige
is
de predikatie.
Niet voor die vroeg-wegstervenden, maar voor die langer levenden
op aarde de gemeenschap der heiligen.
De
is
hier
eersten konden zich niet be-
keeren, de laatsten moeten zich bekeeren. Voor de eersten
was geen heihgmaking hierbeneden denkbaar, voor de laatsten is ze geboden. En dat alles naar den stelligen regel, dat hun voortbestaan op aarde geen ander doel heeft, dan opdat ze in het midden van deze wereld hun God belijden, hun God
hun bekeering en heiligmaking grootmaken, en hun God en in hun openbaar optreden voor de wereld openbaren zouden. Leeft nu iemand 30 jaar, dan geldt voor hem niet de eisch dat hij dit
zijn
in
waarheid
doen
zal zooals een
geroepen, dan
om
man
die 8ü jaren leeft.
de jaren, dat
God hem
Een
minder, maar ook niets meer) in zijn persoon
maken. Zóó
valt
verschil tusschen
dus
alles
ieder
hier laat,
God
is tot
niets anders
al die
jaren (niets
te heiligen
en groot te
onder één gezichtspunt. Het groot en machtig
de roeping van den één en van den ander vindt haar
natuurlijke grenzen van verklaring, en in heel dit mystieke
blijft
niet één
enkele duistere plek over. Een waarlijk niet geringe aanwinste.
Dat deze uitkomst rechtstreeks saamhangt met het onderwerp dat we behandelen, springt als vanzelf in het oog. Lag het doel der Kerk, het
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902
Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902
Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's