De gemeente gratie - pagina 243
Tweede deel. Het leerstellige gedeelte.
;
DE GENADEMIDDELEN. Klinkt het nu
bij
èéne te noemen,
dit
het eerste hooren eenigszins vreemd, dat,
ook de Heilige Schrift
b.v.
zou kunnen vallen, zoo zal
gratie
heid hiervan inzien.
239
men
toch
in
bij
om
slechts
het kader der gemeene
eenig nadenken, de juist-
Immers de gemeene gratie en de particuüere genade
staan niet als tvreeërlei soort apart medicijn naast of tegenover elkander, ze verschillen in doel en strekking, en alleen daarom ook in de middelen die ter bereiking van dat doel woorden aangew^end. Particuliere
maar
genade heeft een positief doel te
houden en
volmaken
te
in
nieuw en hooger leven
:
wie dood lag in
daarentegen heeft alleen een negatief doel,
van het
t.
zijn
te
wekken,
zonden.
zin,
is,
zijn
ook de
dat de middelen der gemeene gratie
nooit iets positief ten
leven in den dooden zondaar
maar dat
bij
ze zeer wel
gratie
w. de volledige ontwikkeling
der zonde te stuiten. Naar dit tweeërlei doel
gif
middelen, en zulks wel in dien
in stand
Gemeene
kunnen uitwerken;
de bekeering kunnen invloeien. Een booswicht
en misdadiger, in wien weinig gemeene gratie werkte, komt moeilijker en
anders tot bekeering, dan een jong
man
uit stiller kring, die
gratie voor alle schrikkelijke uitspatting in zonde
door gemeene
bewaard werd. In zooverre
kan ook de gemeene gratie de ontwikkeling van de particuliere genade dienen. Maar zoo nu kan ook omgekeerd veel dat iniddel is voor particugenade ook tevens het doel der gemeene gratie bevorderen, door
liere
zonde te stuiten
;
men
versta ons wel, niet
om
de kiem der zonde te dooden,
maar om de ontwikkeling en de uitbreking der zonde te stuiten. Naar oorsprong behoort de Wet der Tien Geboden tot het particuliere genadeverbond en toch, wie zal naspeuren, wat ongelooflijke kracht ter stuiting van zonde bij de groote massa van die Tien Geboden is uitgegaan. Het groot verschil tusschen de menschelijke samenleving onder een Christen-
volk en een Heidensche of Mahomedaansche natie, dat door een ieder
erkend wordt, en toch
is,
hoofdzaak uit den invloed van het Woord te verklaren dat het vele goede, waarin een
maatschappi] zich verblijdt, niet in eigenlijken zin particuliere
Christelijke
genade
is in
men moeten toestemmen,
zal
maar
te
rekenen
onder de gemeene
is
behoort alzoo het Woord, het Sacrament, en
waarvan Hebr. 6
:
4—6
spreekt,
bovennatuurlijk.
Doch
al
betreft vast, dit belet niet, dat
om
én
bij
staat
dit,
Buiten twijfel
de geestelijke gaven
naar hun oorsprong
genade, want ze dragen een positief karakter, en
maar
gratie.
zelfs
tot de particuliere
zijn niet uit
de natuur,
wat hun oorsprong en karakter
God ook deze verordende middelen
bezigt,
enkele personen én in de menschelijke saamleving, ook waar
geen sprake
Hier raken
is
van zahgheid, de zonde tegen
we dan ook aan
blijkbaar verduidelijking
te gaan.
een punt, dat ter afsnijding van misverstand,
eischt.
Men
heeft toch uit ons
meermalen
uitge-
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902
Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902
Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's