De gemeente gratie - pagina 43
Tweede deel. Het leerstellige gedeelte.
;
WAAKOM DEZE OPLOSSING ONBEVREDIGEND?
39
Met een heel ander begrip, maar gemeen aan beide was dan toch de overtuiging, dat het leven geen Pelagiaansch spel van den vrije-wilsmensch is, maar dat er een hooge macht door het leven gaat, die den gang van het leven beheerscht. En waar van den anderen kant de Gereformeerden de meeste ergernis hadden gewekt door hun absolute belijdenis van de verderving onzer ook
bij
het
is
deze pessimisten schering en inslag.
zoo,
natuur door de zonde, en de gevolgen der zonde in erfzonde en ellende steeds
den voorgrond stelden, daar moest het hen wel verrassend uit geheel anderen hoek, soortgelijke erkentenis van een
op
aandoen, thans
erfelijke ellendigheid, die heel
het leven beheerscht, tegen de
mannen der
We zeggen soortgelijke, want geen oogenwenschen we uit het oog te verliezen, dat de Gereformeerden en de pessimisten met dergelijke termen iets geheel anders bedoelen. Maar dit blijkt dan toch, dat waar de mannen der verlichting ons als obscuranten hadden gebrandmerkt, omdat we hun opkomende wijze van zien op grond van Gods Woord weigerden over te nemen, thans door hun tegenstanders werd aangetoond, hoe juist onze ziensw^ze veelmeer dan de hunne met de historie en de feiten in overeenstemming is. Er is meer. verlichting te hooren bepleiten.
:
blik
Al moge ook de levensbeschouwing der pessimisten voortgaan veld winnen,
ja,
aan geen te veel
ook
al
moge
ze een tijd lang heerschend worden, toch
weer
twijfel onderhevig, of ze gaat straks
voorbij.
te
het
Er wordt nog
door het menschelijk hart aan reine vreugde genoten, dan dat zoo
zwartgallige zienswijze duurzaam de geesten verontrusten zou. al
is
Maar ook
gaat ze dan onder, ze zal dan toch aan de Moderne levensbeschouwing
voor altoos een knak hebben toegebracht, waarvan ze zich nooit geheel zal
kunnen
En
herstellen.
gaat
men nu
dit verloop na: eerst
de periode
van het dusgenaamde „gezond verstand" met de brave-Hendrikstheorie daarna de periode van de mannen der voortgaande ontwikkeling; en in de derde periode, waar
gewogen en
te licht
toch geen andere
we
thans aan toe
zijn,
ook deze levensbeschouwing
bevonden door de pessimisten, dan kan de uitkomst
zijn,
dan om ons
te versterken in ons allerheiligst geloof,
en de waarde van onze belijdenis in te helderder
licht te plaatsen. Zelfs
onder ons werd aan het leerstuk der „gemeene gratie" nauwelijks meer gedacht. Het werd de moeite des indenkens niet
Velen hadden er ninnner van gehoord. hoe
juist die
„gemeene
gratie", in
En nu
blijkt
meer waardig gekeurd. dan toch van achteren,
verband met onze belijdenis van „zonde
en ellende", niets minder bedoelt, dan
om
een der grootste raadselen van
het leven op te lossen, en het ons te verklaren, hoe in onze saamleving eenerzijds in
zoo diep bederf woelt en moet woelen, en hoe toch anderzijds
diezelfde
saamleving zoo nameloos veel
is,
dat ons boeit, dat ons het
hart verheft, en ons menschelijk geluk smaken doet. Zonder de belijdenis
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902
Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1902
Abraham Kuyper Collection | 692 Pagina's