Vier uwe vierdagen - pagina 181
III.
„^oor
hJten tüij
oof be toetetbing Rebben
I''
Door welken wij ook de toeleiding hebben door het geloof tot deze genade, in welke wij staan en roemen in de hope der heerlijkheid Gods.
Rom.
5
:
2.
Onze indruk van de heerlijkheid en de majesteit Gods veel
te
klein;
anders zou
onze
is
innige blijdschap over de
hemelvaart van Jezus veel grooter wezen. Het is ons maar al te dikwijls, als ware de hemelvaart van Jezus weinig meer dan een noodzakelijk gevolg van zijn opstanding; een nabedrijf van den Paaschmorgen het eenig ;
denkbare middel, waardoor hij wegkwam van deze aarde. En als we dan lezen dat ook Henoch wegging zonder te sterven, en Elia met vurige paarden en wagenen ten hemel voer, dan dunkt het ons zoo wonder en zoo opmerkelijk niet, dat ook Jezus door opvaren van deze wereld wegging. Hij kon niet meer sterven; ook kon hij niet op deze aarde blijven dus moest hy wel om in den hemel te komen, er heen opvaren.
Toch gaat op
die
wys de
zin
en bedoeling van Jezus'
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1903
Abraham Kuyper Collection | 328 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1903
Abraham Kuyper Collection | 328 Pagina's