Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Vier uwe vierdagen - pagina 294

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Vier uwe vierdagen - pagina 294

2 minuten leestijd

'

„HEM ALLEEN DIENEN

282

!

Tevens kind o gewisselijk en daarom vrij van Satan maar vrij van uw Heere. De heerlijkheid en de vrijheid der kinderen Gods is nooit dat ze nu doen mogen wat hun gevalt en leven mogen gelijk het hun lust; maar altoos en onverbiddelijk, dat ze des Heeren zijn. Zijn gekoehten. Hem toebehoorende. Zijn dienstknechten en dienstmaagden. Dienende nacht en dag in zijnen Tempel. Dat geldt dus en gaat door voor het kind op school, voor de dienstmaagd in haar keuken voor den knecht op karrewei voor den klerk op het kantoor, voor de moeder in haar huisgezin, voor den winkelier achter de toonbank, voor den rechter op het gestoelte der eere, en voor den koning op ,

,

,

;

nooit

,

zijn troon.

Elk persoon moet God dienen. Wie nog on wedergeboren is, krachtens den eisch der schepping uit bedwang; en wie overgezet wierd in de genade: uit dankbaarheid bovendien. Versta dit wel. niet zeggen: Ik arbeid op school, op karrewei, beroep naar den eisch van het werk, en voor zooverre daarbij goed of kwaad tepas komt, regel ik mij naar

Ge moogt mijn

in

Gods wil. Dat is heel

Neen

,

iets

knecht van

anders, dan knecht van

God

te zijn

,

God

te zijn.

wil zeggen en beduidt eeniglijk

al wat ge doet, op school, karrewei, kantoor of studeerkamer, niet ter wille van u zelf of een ander, maar om Gods wil moet gedaan. Dat een kind weet: God plaatste mij op deze school; God

dat

mij onder dien onderwijzer; God regelde de regels van schrijven en lezen en rekenen; God verdeelde aldus de dagen in uren; en dat het kind alzoo in dit alles goddelijke

plaatste

ordonnantiën

En onzer

Wel

zooals

zie.

het met dat kind

is,

zoo

moet het met elk

zijn. is

er menschelijke berekening, of menschelyke afspraak.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1903

Abraham Kuyper Collection | 328 Pagina's

Vier uwe vierdagen - pagina 294

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1903

Abraham Kuyper Collection | 328 Pagina's