Vier uwe vierdagen - pagina 227
V. „9)tet
güüen
tot
ber menêcfjen trooèt.
Gij
zijt
opgevaren
in de
hoogte
;
Gij
hebt de gevangenis gevankelijk gevoerd; Gij hebt
onder
de
hoorigen,
God.
gaven genomen om uit te deelen menschen ja ook de weder;
om
bij
U
in te
wonen, o Heere
•
Psalm 68
:
19.
In het Paradijs ontving de aarde haar bevochtiging niet uit
van boven nederdroppelde maar uit een damp werd uitgewasemd en weer door het aardrijk werd opgezogen. Zoo toch staat er „De Heere God had nog niet doen regenen op de aarde, maar een damp was opgegaan uit de aarde en doorvochtigde den ganschen aardbodem." Doch toen de zonde dat Goddelijk Paradijs van zijn Paradijsglans beroofd had, toen trokken de uitwasemende dampen hooger op; vormden zich tegen den hemel aan tot wolken; en zoo daalde op het aardrijk die wondere regen neder, waarmee, naar Jezus' woord, God , regent over rechtvaardigen en onrechtvaardigen ". Veelzeggende natuursymboliek Steenkoud en verdorrend breidde zich onder den vloek voor een regen
,
of nevel
die door de aarde
,
die
,
,
:
,
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1903
Abraham Kuyper Collection | 328 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1903
Abraham Kuyper Collection | 328 Pagina's