Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Vier uwe vierdagen - pagina 311

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Vier uwe vierdagen - pagina 311

2 minuten leestijd

dit verscliil

om

,

o

,

HOE GROOT

IS

UW GOED

"

299

!

niet zelden in een tegenovergestelde uitkomst

over te slaan.

Want

het

bescliikt,

het

is

scheelt

goed van God ", dat Hij

uitverkorenen toe-

zijn

voorwerpelijk wel voor allen even groot, maar zoo veel, dat de één dien schat nauwelijks met

den vinger aanraakte,

terwijl de

ander er met beide handen

in wist te delven.

En dan ja, komt het niet zelden voor, dat de rijke naar de wereld onder Gods kinderen zich nauwlijks de moeite gunt ,

ook maar even dien schat in te denken terwijl omgekeerd de arme naar de wereld, lang niet altijd, maar toch soms, zoo diep in dien hemelschen schat ingroef, dat zijn ziels-

om

,

weelde u verbaast.

Neen, het was

niet in de dagen

van

zijn

voorspoed, maar

een oogenblik van beklemmendeu angst naar het uitwendige, dat een man als David tot den uitroep kwam: „o. Hoe groot ü uw goed, dat Gij weggelegd hebt voor de-

veeleer

genen

in

U

vreezen." dat zeggen zei David er waarlijk niet te veel van. genade in het geloof te mogen staan, is metterdaad

die

En met Door

zulk een boven alles te schatten rijkdom.

Ge merkt dat aan uzelf wel, als onder de veelvuldigheden des levens, door eigen schuld, de vlam des geloofs in u gaat zieltogen. Dan zijt ge opeens zoo arm, zoo beroofd, zoo afgeneden van wat anders de weelde uwer

ziel

was.

Maar ook

keert het veerkrachtig, bezielend, heiligend geloof niet in uw borst terug, of het is of de sluizen des hemels opengaan, en of stroomen van vrede en genade u toevloeien. Wie buiten het geloof staat, of ook wie nog niets anders

zóó

dan een nagepraat geloof bezit, heeft van dien rijkdom der ziel geen denkbeeld. Hij hoort er wel van roemen, en die roem steekt hem wel aan, ook zingt hij er in het lied wel van mee, maar hij smaakt het, hij proeft het, hij geniet het niet. In die volle beek van wellust die elk van vreugde dronken maakt, heeft zich zijn ziel nooit gebaad.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1903

Abraham Kuyper Collection | 328 Pagina's

Vier uwe vierdagen - pagina 311

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1903

Abraham Kuyper Collection | 328 Pagina's