Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Vier uwe vierdagen - pagina 286

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Vier uwe vierdagen - pagina 286

2 minuten leestijd

274

HET

GESCHIED.

IS

wat God voor en over ons beschikt, maar dringt

die

stem

rechtstreeks tot onze consciënte door, dat die plechtige uitroep:

Het

is geschied,

evenzoo slaat op eigen verleden en op wat wij gepeinsd gedacht gezegd gewrocht

in dat verleden gezien

,

,

,

,

of ook ougewrocht gelaten hebben.

En

hierin ligt het pijnlijke

,

het beklemmende. Niet dat

gemeenlijk zoo ontevreden met onszelven is te

zijn.

En daartoe

groote zelftevredenheid onze gemeene zonde.

vervallen

we meest

,

niet uit onoprechtheid

,

we

Eer omgekeerd

maar omdat onze

maatstaf van een goed en heilig leven zoo zondig laag staat.

Een lakensch en

schijnen,

wolken van

nu

is

kleed dat

bij

het

stof vertoont

,

bij

op, omdat

we

als

volle

waarmede het overzaaid

het niet het kleed onzer

blikken,

vrij van stof middagzon uitgestald,

schemerlicht bezien, zal toch

We

ziel.

is.

En zoo

zien er het stof niet

Maar als in oogenmeerder ernst en klaarder

in schemerlicht wandelen.

het volle dag

is, bij

van Gods heiligheid tot ons doordringt, ontdekt ons wel terdege gansche plekken van bezoedeling, die we anders niet opmerkten. Het is geschied, en onherroepelijk geschied, wat wij in den stroom van dat jaar als ons woord als onze daad als onze levensuiting, indruppelden maar vanzelf rijst daarbij de vraag: Wat had moeten geschieden en hoe had het moeten geschieden en wat had bij dat alles de innerlijke aandrift van ons hart moeten zijn? Zoo dalen we vanzelf af tot die diepte waar de innerlijke roersels van ons zielsleven zich in beweging zetten en we gevoelen dat Hij die hart en nieren proeft ons daarbij belet onszelven te vleien en te bedreigen. Het oude jaar vraagt in zijn ernst om waarheid in het binnenste, om waarheid voor God. En als dan Gods heilige engelen reeds hun aanschyn met vleugelen dekten, wie onzer dekt dan niet in schuld en zelfverwijt zijn aangezicht bij de afrekening van zijn ziel met dat jaar, dat voor altoos van ons ging? Ge zoudt het willen overdoen dat jaar, om, nu ge het van licht

zielsoog

,

,

,

,

,

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1903

Abraham Kuyper Collection | 328 Pagina's

Vier uwe vierdagen - pagina 286

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1903

Abraham Kuyper Collection | 328 Pagina's