E voto Dordraceno - pagina 212
toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Vierde deel.
ZOND. XLII. HOOFDSTUK IV.
214
huidig bezit de wording eens tot in haar eersten oorsprong kon bloot
alle
leggen,
het de vraag of er één enkel aanmerkelijk bezit zou gevonden
is
worden,
waarin de zonde van den diefstal niet in een zeer oud of later
geslacht school. Roeping van Christus' kerk
wakker
eonscientiën
sef te heiligen
en
;
is
het daarom voortdurend de
schudden; het bezitbesef ook door het schuldbe-
te
voorkomen, dat ook de Christenen voortgaan zich
te
m
dezen zondigen handel te mengen.
De koophandel
staat niet in te besten reuk.
in alle koophandel praktijken, die minstens een
waarvan
en
oordeelden,
dat
van
tak
gewaagd karakter dragen,
mee bekend werden,
telkens
de toets eener consciëntieuse eerlijkheid niet kunnen
ze
Meer dan één
doorstaan. zijn
kinderen Gods, die er
teedere
Er golden en gelden nog
heeft
om
bezondigen, zich uit
zijn ziel niet te
handel moeten terugtrekken. Doch ook
zijn er niet
weinig
Christenen, die, van der jeugd af aan deze praktijken gewend, ze allengs
gingen beschouwen
omdat
steken,
een zeker gewoonterecht, waar geen zonde in kon
als
allen het zoo doen, en omdat, zoo
men
niet zoo deed,
dan in den handel eenvoudig onmogelijk was. Toch gevoelt geen
dit
goede stelregel
medemenschen kan hebben.
laten
zijn
De
kan.
zou daarom nog niet
raad
den handel prijsgaven, maar wel dat
om
kortweg
En
handeling,
alle
wel, dat
opinie en gedraging van zondige
nooit den regel aangeven voor wat
Onze
men
men
men
zijn,
we
te
doen of
te
dat de Christenen
het met zijn God er op waagde,
transactie en praktijk, die de consciëntie veroordeelt
te snijden. Iets tegen de consciëntie te doen, is nooit veihg.
af
het voorbeeld onzer vaderen, die minder knoeiden dan andere natiën,
God
toont hoe
jaar
zulk een eerlijk gedrag zegenen kan. In de laatste vijftig
meenden ook
vele boeren zeer slim te zijn, door
gaan knoeien, en wat
met hun boter
te
anders de uitkomst geweest, dan dat heel onze
is
botermarkt bedorven werd, en dat de Deensche boter de onze, althans op
Engelands markt, voor een goed deel verdrong? „Eerlijk duurt het langst" is
een echt Nederlandsch spreekwoord. Blijve het de uitdrukking van een
echt Nederlandsche gedachte. Daaraan nu heeft onze Catechismus terdege
In
geholpen.
men wicht,
elk
jaar,
el,
dagen toen nog
ieder,
duidelijk en klaar,
maat,
waar,
ook
's
middags, ter kerke kwam, en
den eisch Gods op het stuk van „ge-
munt en woeker" hoorde
uiteenzetten,
werd de
consciëntie van onze winkeliers en kooplieden op alle deze punten leven-
dig gehouden, en door de
macht der prediking ging heel wat onrecht de
wereld uit of werd voorkomen.
Eeeds
te groote slimheid
en althans sluwheid in den handel
de eerlijkheid. Als ik er iemand in laat loopen, als
ik
strijdt
misbruik
met
maak van
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's