Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

E voto Dordraceno - pagina 347

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

E voto Dordraceno - pagina 347

toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Tweede deel.

2 minuten leestijd

347

ZOND XXIII. HOOFDSTUK IX.

Op

beeld van de erfeuisse van den erfgenaam komt de Heilige Schrift,

dit

de heilige apostel Paulus, gedurig terug, en dat wel in een

name

en met

waar men gemeenlijk overheen

zin,

In eigenlijken

spreekt vanzelf, kan dit beeld niet bedoeld

dit

zin,

leest. zijn.

In geval van erfenisse toch moet de dood des erflaters tusschenbeide

Nu

getreden.

Rom. VIII: 17 ons: „En

zegt

we ook erfgenamen, erfgenamen

zijn

Christus;

God nu,

worden."

heerlijkt

maar

sterft niet,

hem

anders met

we

zoo

leeft

dood

de

dat

testament

:

Dit toch komt in een geheel ander verin een geheel andere verhouding. In

IX 16

de Middelaar degene, die zelf het testament maakt in

is

:

maar

in

Rom. VIH

17

:

is

de Middelaar

met ons erfgenaam.

dus het tegenovergestelde. Er staat toch dat Gods kinderen mede-

Juist

van

erfgenamen zelf

is,

vast in de dooden, dewijl het nog geen kracht heeft, wan-

is

bloed,

zijn

erflater

testamentmakers tusschenbeide kome, want een

des

band voor en neemt den Middelaar Hebr.

ver-

mag dus niet gedacht aan Hebr. IX „Waar een testament is, daar is het nood-

de testamentmaker leeft."

neer

testamentmaker en

hem

Hierbij

!

16 en 17, waar Paulus schreef: zaak

opdat we ook met

lijden,

hier de

die

eeuwig

en mede-erfgenamen van

God

laji

zijn

indien wij kinderen zijn, zoo

Christus zijn

moet erfgenaam ten principale

De

Rom. VHI

erflater is in

:

En

daar er nu

God

„Zoo

zelf.

zijn

God geen sprake kan

bij

van een erfenisse die na

zijn.

17, en doorgaande in alle uitspraken der

Schrift over ons heilig erfrecht.

Gods."

wat uiteraard niet kan, of Christus

iets

;

zijn

we dan erfgenamen van sterven, noch

zijn

dood ons toe zou komen, zoo

blijkt hieruit,

dat van een erfenisse in eigenlijken zin hier geen sprake valt. Neen, dit beeld van den erfgenaam doet hier een geheel anderen dienst. Het strekt namelijk,

om

ons

doen

te

staan en toch schatrijk millioen

staat,

dat de erflater

zijn.

eigenaar

is

sterft.

beseffen,

Iemand,

Maar daarom

heid

van het testament en de dat

Ja

identiteit

moet van

de gevallen zijn

van

zijn

erfgenaam

van achteren, dat

dan ook de zijn

hij

erfenis,

in

nog

hij

af,

Eerst moeten

niet.

nog bewijzen de echt-

zijn persoon.

komt en

er verzet tegen het testament

Zelfs

kan het

er een proces uit

er geweest, dat een erfgenaam van een

groot fortuin, die korte jaren na den erflater iets

iemands testament voor tien

heeft hij ze

formaliteiten doorloopen, en

allerlei

voortspruit.

die in

van die tien millioen van het oogenblik

nog

gebeuren,

hoe we met leege handen kunnen

handen

te

stierf,

heenging zonder

ooit

al bleek

het

hebben gekregen, ook

wel waarlijk de wezenlijke erfgenaam was, zoodat

die hij zelf nooit

met

zijn

hij

vinger had aangeroerd, op

kinderen overbracht.

Zoo

is

„erfgenaam" dus een beeldsprakige uitdrukking voor het hebben

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904

Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's

E voto Dordraceno - pagina 347

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904

Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's