E voto Dordraceno - pagina 21
toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Eerste deel.
ZOND. tegen doe,
Slag op
kan dien duivel
hij
keer op keer
slag,
lei
HOOFDSTUK
I.
15
III.
hem
niet aan. Diens geweld is
het dan ook
hij
af.
En
te
machtig.
gevolg was dat
meu
allengs geheel onder de hoogheid of het „geweld", zooals
hij
destijds zei,
van dien boozen Satan gekomen was.
Vandaar nooit Nooit toonen,
maar altoosdurende
rust,
nergens
en of
weder, want
reeds
beeft
hij
moet toch
angst.
en zoo kan Satan zich niet weer ver-
veilig,
hij
is
weer nederlaag volgen
hij
kan
hem
toch niet aan, er
en de harde striemen voelt
;
hij
reeds
vooruit.
De wonden hebben een roof kon zetten,
geen
zelfs
tijd
van genezing; eer de eene wonde
de tweede wonde er reeds naast.
is
Maar wat gebeurt nu? Opeens
naam
wiens iets
doet
zich
in
zoo geducht
nu een machtig Heer aan hem
leven
zijn
dat geen enkel geweldenaar tegen
is,
voor,
hem maar
vermag, en die ook dien geweldigen Satan aangegrepen en den kop heeft
verbrijzeld
die opzettelijk
ja,
;
kwam, om de werken van Satan
te
verbreken.
En die
machtige Heer nu, waar elk geweldenaar voor vreest,
die ongelooflijk
Zone Gods,
die
Immanuël, Christus Jezus,
die heeft
nu opeens aan
dien schriklijken toestand van gestadigen angst en vrees een einde gemaakt
door hem over
te
op zijn
zetten
erf.
En nu is hij opeens volkomen getroost en jubelt hij in heiligen vrede. Want zie, nu die machtige Jezus zijn leenheer wierd, nu durft niemand meer iets tegen hem beginnen. Voor dien Jezus deinst alle macht terug, en wie zich nog aan hem waagt, ondervindt op schrikkelijke wijze zijn toorn.
Slechts
één ding kon nog zorg baren. Hij was in schuld, en door die
eens gemaakte schuld kon er een band liggen die straks weer zijn geluk
maar ook dat krenkt hem
bedierf,
geen
wilde
banden schuld
beschermelingen
lagen,
voor
en
hen
heeft
daarom
want
niet meer,
onder
zijn
hoede
die
nemen,
machtige Jezus die
in schuld-
eer hij hen op zijn erf overzette, aUe
afbetaald, betaald volkomenlijk, betaald
met
zijn dier-
baar bloed.
En zijn
zoo leeft hij dan
machtigen
overmacht zijn
is
.Tezus. hij
uit.
Heer en Heiland.
van
moet
Alle schuld
En En
hoogheid en hoede en bescherming van
die is
afgedaan.
Van onder Satans
vreeslijke
voor mogelijke nieuwe aanvallen bewaart dat
met
hem
zulk een bewaring, dat zelfs geen hair
hoofd zonder den wil van zijn hemelschen Vader kan gekrenkt
zijn
worden.
nu onder
Ja,
zijn,
dat
wat
hem
en het eind van
ook alle
wedervaart, de uitkomst altoos heerlijk
wederwaardigheid goed.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's