E voto Dordraceno - pagina 383
toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Vierde deel.
XLV. HOOFDSTUK
ZOND.
385
IX.
langer achtereen bad, dan ooit een onzer dit gedaan heeft.
Ook Johaunes
de Dooper schijat aan zijn jongeren een gebedsformulier gegeven te hebons
dat
ben,
bewaard
niet
geschiedde toen
een van
Johannes
zeide
Vader, maar niet in
was biddende,
„Heere
:
discipelen geleerd heeft"
zijn
Ome
het
hem
vragen: „Heere, leer
te
;
we
op, gelijk
van deze aanleiding
Ge
niets.
en het Onze Vader dat
gebeden
pogingen
zijn
is
met zekere
VI en VII
slot.
Slaat ge
nu de
vinden, dan merkt ge daar
dat Jezus biddende was, en op-
van de vraag van een van Jezus' discipelen
hier door Jezus, eigener beweging, in zijn rede wordt
ingevlochten, heeft dien steeds
dat
en dan volgt de hoofdinhoud van
leest niet,
iets
gij
„En het
:
als hij ophield,
voltooiden vorm, kennelijk
zijn
die in Matth. V,
met bidden, noch ook
hield
2
:
leer ons bidden, gelijk ook
andere bewoording, en zonder de lofverheffiag aan het
Bergrede
XI
lezen toch in Luc.
in een zekere plaats
hij
discipelen tot
zijn
We
bidden zullen."
wij
aan Jezus' discipelen
schijnt
feit
om den Heere
aanleiding te hebben gegeven,
ook ons hoe
en dit
is,
meer voltooiden vorm, waarin het ook door
zijn
kerk
Hieraan hebbeu zich nu enkelen gestooten. Allerlei
'').
om
aangewend
twee verhalen er één
uit dsze
te
maken en
deze scherp in het oog springende verschillen te verklaren. Immers, zoo zei
men, het
met
strijdt
heel onze opvatting van Jezus hoogheilige persoonlijk-
gebed tweemalen zou herhaald hebben. Wij,
heid, dat hij zulk een
zekere
maar
van Jezus in de Schrift wenschen
opvatting
eigen
de
uit
leeren
Schrift
daarom aan het eenvoudig en
gebed,
dit
Zelfs zouden
wel
willen
we wel vragen
willen,
in te dragen,
wie en hoe Jezus was, houden ons
bericht, dat Jezus wel waarlijk
eenigszins
in
die niet
ongelijken
welk een voorstelling
het geheugen der discipelen maakt, als
men
meer dan eens
vorm, voor heeft gebeden.
men
zich toch van
zich inbeeldt, dat
zij,
na zulk
een gebed eens gehoord te hebben, het terstond woordelijk van buiten zou-
hebben gekend.
den
Neem
er
maar de proef van met Mahomedanen en
Heidenen, die nog nooit van het
maal voor derstellen
vast
aan
:
;
en is
zie
ligt er
dit
gebed op
maar meermalen voor
dan ook niets tegenstrijdigs
zijne jongeren eerst
critische
maar
zijn
te on-
één van tweeën staat dan ook
hebben gebracht, en het zoo op hij dit
niet deed,
schrift
moet Jezus het niet
jongeren hebben herhaald. Voor ons
in de gedachte, dat de
;
Heere
dit
gebed aan
en het ten slotte in zijn voltooiden vorm opnam in
men
de Bergrede vroeger te moeten stellen, dan
vraag, welke de juiste tekst iu Mattheua 6
E VOTO DORDR. IV.
zeg het hun een-
;
de Bergrede. Of wel, acht
De
;
op hun verzoek heeft voorgesteld het daarna meermalen
voor hen herhaald heeft
1)
schrift
jongeren hebben gegeven, óf zoo
slechts eens,
Vader hoorden
En
geheel onmenschkundig.
Jezus moet óf
zijn
Ome
dan, wat er van zitten bleef. Zoo iets ook
:
13
zij,
kan hier niet besproken.
25
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's