E voto Dordraceno - pagina 118
toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Eerste deel.
ZOND. VI. HOOFDSTUK
112 vaders
in
Christus
hulkje
op
die
altoos
naar
Woord
waarlijk
te
ervaring
geestelijke
maar
uit,
al
hun bewustzijn gevoerd
onderscheiden,
nog
maar
dobberen,
wat we meenen waar
of
dan wel
ervaringen,
toch nooit in ons
te
te
dan gevoels-
niets
!"
Gods gehoorzame kinderen. En mag
en
is
dan
er
later de Schrift niet
die Schrift erkennen als de bron waaruit
wierd, en blijven eeniglijk aan die Schrift afmeten,
hun beweerde ervaring wel
of
gevoel
dan sluiten ze daarom
volgen,
blijven ook dus
ons
,Tot het Woord en het Getuigenis
zijn.
daarom de leus van
van
baren
geestelijke
wiegelingen onzer ziele blijft
om
ons steeds vermaand hebben,
kabbelende
het
nu
nemen,
III.
waarlijk geestelijk, en niet uit eigen ver-
zinning was.
Ten tweede
Wel
afgewezen.
hem
bron van onze geloofszekerheid hiermee
als
Rome, „dat niemand
leerde
de kerk het
tenzij
kerk
de
is
geleerd had,"
in de Schrift gelooven zou
maar onze vaderen
God
over dit clericalistisch beweren steeds staande, dat
zelf zijn kinderen
dat ze alzoo „van den Heere geleerd" niet meer de een
en
onderwijst,
hielden tegen-
Hem kennen
den ander zeggen zullen: „Ken den Heere," want „dat ze
tot
was
hun jongste
tot
Van
opgerakeld.
is
men
namelijk, dat
den Christus kennen, maar
uit het leven
Ethische zijde leeraart
niet uit de Heilige Schrift
en de belijdenis der gemeente of der kerk
van
het
dit rondvertelde,
En daarom
lont te ruiken en
dan
te weten,
wordt een
weer
een
gesteld,
doen
maar dat
clericalistisehe
vinden
te
men
kwaad vermoeden
te
hebben.
opleven van de oude Roomsche dwaling;
steekt, nooit ofte
dit niets baat,
traditie
overgeleverd;
is
geen kwaad in
hier
in de kringen waarin
dat dit voorgeven der Ethischen in den grond
1.
dat in plaats van het kerkelijke gezag,
2".
door middel
dient thans de gemeente ook op dit punt terdege voorgelicht
en behoort ze is
men
;
almeer aan het gezag der Heilige Schrift
te gelijker tijd
getornd wierd, begon
niets
door de traditie
scheen
Aanvankelijk
woord.
kerkelijk
;
Maar naar gelang men merkte, dat
steken.
Dat Roomsche denkbeeld
toe."
onzent dan ook geheel uitgeraakt, tot het nu weer door de
ten
er
Ethischen
we
hun oudste
van
zullen
en
„de heliiienis dei gemeente"
daar het
predikanten,
der 3".
yvel
feitelijk
die geheel
neerkomt op
aan hun goed-
dat hetgeen er waars in hun voorgeven
nimmer door de Gereformeerden
is
voorbijgezien en dus
ook waarlijk niet als nieuwe vondst behoeft uitgevent.
Het dat
is
namelijk volkomen waar, wat
men van
Ethische zijde opmerkt,
verreweg de minste menschen door eigen lectuur uit den Bijbel
kennis
van
den
Middelaar
zijn
de eerste kennis van Immanuël
tot
gekomen, en dat verreweg den meesten is
aangebracht, toen
zij
nog
niets lazen,
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's