E voto Dordraceno - pagina 87
toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Vierde deel.
XXXIX. HOOFDSTUK
ZOND.
ook
De
vrouw onder zich had.
zijn
vrouw
bij
de
de
verleiding
89
VII.
triomf der gehoorzaamheid zou dus
maar ook moest voor haar
het schitterendst zijn geweest,
ongehoorzaamheid wel het sterkst wezen.
tot
ook opmerkelijk, hoe in het vijfde Gebod de moeder met
genoemd,
om
als
name
Het
is
dan
er bij wordt
door de bewoordingen van het gebod zelfs de vrouw te
prikkelen tot eerbiediging van de Goddelijke ordinantiën, door het inzicht,
hoe het hoog houden van Gods gebod, tevens strekt
vrouw en moeder Maar,
en
om
dit
het waarmee we tot Samuëls uitspraak terugkeeren,
is
ook van Eva wordt gezegd, dat ze overtrad, na verleid
na
onder
eerst
gekomen
andere
een
macht,
Waart ge nu
te zijn.
midden van
tige hof, en te
haar positie als
te verhoogen.
t.
te
D. w.
zijn.
onder de macht van Satan
w.
in het Paradijs daarbij geweest.
De
van één boom gezegd
die ooftweelde,
z.
:
prach-
„Daar-
van zult ge niet eten"; en hadt ge dan straks Eva toch van dat boompje
dan zoudt ge er mee gelachen hebben,
zien plukken,
Eva
had, dat
Even dwaas
macht.
wat
uitgaf
toch Gods
u met kleuren en geuren, hoe het wel
die
Eva's hart belaagd, haar verleid, en tot dezen
geprikkeld heeft.
En
op dien grond nu zeggen we Samuël
openbaart ze zich nog zoozeer in het schijnbaar nietige, evengoed uit
demonische
booze
mauj
en
en zich
En wijs
te
als tooverij
geest,
die in de harten
kleine
en
uitdooft,
bij
en beeldendienst. Het
is
een
van oud en jong, van vrouw
het groote, den lust en den zin
en er lust in doet scheppen
om
in verzet te
om
te
komen
onttrekken aan de onderdanigheid.
werpt ge tegen, dat de mensch, die God niet gehoorzaamt, op die toch gehoorzaamt,
feitelijk
ook zoo, en
dit
dat
zegt,
men
het
bij
gehoorzamen
is
en nu gaat
maar
vrij,
men
ons
van God, dan
ruilt
vrij
werd,
is
is.
Geheel de voorstelling, alsof
Men Men stond onder God, Da Costa dit in zijn Kaïn
dan ook enkel zelfbedrog.
eenvoudig van meester.
staan onder Satan. Doch, gelijk
om
dezen toeleg te doen gelukken, speelt
een bedriegelijken schijn voor het zielsoog, en brengt ons in
verbeelding,
worden
in plaats
hiermee niets anders uitgesproken, dan wat de Schrift
zoo meesterlijk geteekend heeft,
Satan
maar nu Satan
de zonde doet, een slaaf
wie
door opstand en verzet
wordt niet
de
nu
als
dat ze dit deed onder ingeving van den duivel.
verhaalt het
demonische inspiratie voorkomt,
is
mocht worden, en
dat alle ongehoorzaamheid, al weerstreven en alle weerspanningheid,
na, al
was,
God
opstand tegen
zei dat niet uitgegeven
wilde,
Woord
Satan
terdege
iemand beweerd
ge het nu nog zoudt vinden, zoo een huisvrouw
als
man
haar
iemand beweren
En
als
deed onder de inspiratie van een demonische, duivelsche
dit
als hij
alsof zelf
we, door tegen
waant
te zijn. Hij
God op
te
slaan, eens vrij
zouden
verlokt ons tot nabootsing, en weet
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's