Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

E voto Dordraceno - pagina 556

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

E voto Dordraceno - pagina 556

toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Vierde deel.

2 minuten leestijd

558

ZOND. LIL HOOFDSTUK

na hem zou worden. En zoo nu ook weet een

millioenen

en

millioenen

van God wel van oogenblikken in

iegelijk kind

in booze verzoeking is ingeleid, en in

bij

hem

dat toch van achteren voor vaststond,

I.

God

dat

hem

er

leven te spreken, dat

zijn

die verzoeking

bezweken

maar

is,

duidelijk bleek en het voor zijn zielsbesef

opdat

inleidde, niet

zondigen zou, maar

hij

veeleer opdat, in weerwil van deze zonde en onder de berouwvolle nawer-

king van die zonde,

zijn

om nu

ten van zijn eigendunkelijke wegen,

Gods staande

zijns

te

God zou

zich tot zijn

ziel

en alleen

blijven,

goede

medewerken,"

dwaalweg

den

en het

ziele,

zijn

genade

bij

die

God

te leven.

is.

genade

in," brengt ons tot

is

Dan

blijft

ik

het

De

werd verdrukt

berouw en boete en verbryzeling der

uitdrukking, dat

God ons

Gode dan

belieft

in verzoekingleidt,

moet derhalve aldus verstaan worden, dat God de Heere door soms zóó voor ons beschikt, dat we

zienig bestel de dingen

is

onzer de schuld, en on-

in deze verslagenheid des harten, dat het

uit te storten.

Dit

liefhebben, alle dingen

de zonde, maar de zielservaring: „Ik sloeg eer

is

zou afla-

wat zeer zeker ook van de ervaringen van

iets

eigen schuld en zonde te verstaan zer

hij

voortaan alleen door de hulpe

wat de apostel Paulus roemt, „dat degenen ten

keeren, en

voor-

zijn

te staan komen

tegenover verzoekingen, die anders niet voor ons zouden bestaan hebben,

en nu, naar Gods beschikking, sterk en machtig op ons inwerken. Neigt

dan het hart heid,

dan

en is

is

er

tot zonde,

dan

is

dit

de schuld van onze eigen begeerlijk-

dan geen toevlucht nemen

tot

de hulpe van Gods genade,

de schuld van ons eigen ongeloof. Maar, ook al heeft dit ten

dit

gevolge dat we bezwijken, doordien het einde der zaak, dat

God ons

God de Heere ons

verlaat en loslaat, zoo

straks uit dien val

is

met

toch

rijker

en dieper kennisse van eigen zonde weer doet opstaan, opdat

zelfkennis

we nu voor

Hem

alleen en eeniglijk bij genade leven zouden.

TWEEDE HOOFDSTIJK. Door het geloof heeft Abraham, Isaak geofferd; en

hij,

die

werd,

als hij verzocht

de beloften ontvangen had,

heeft z^nen eeniggeborene geofferd.

Hebr. 11

Schijnbaar strijdt het met elkander, dat allen

in

verzoeking

geleid

worden,

we naar Gods

:

17.,

bestel en raad

en moeten worden, en dat desniet-

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904

Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's

E voto Dordraceno - pagina 556

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904

Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's