E voto Dordraceno - pagina 542
toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Tweede deel.
542
ZOND.
Ook hem
Jezus.
XXVI. HOOFDSTUK
het niet genoeg, dat
is
moet ook hem
neen, dit nieuwe leven
VI.
persoonlijir het leven heeft;
hij
mystieke lichaam van Christus worden gegund.
maar het
wel,
is
hem geen
voor
mystieke lichaam.
en dit voor
is,
is
waarlijk de volheid des nieuwen levens voor
is
het
wat
alleen hezit,
zelf heeft,
maar
van het geheele lichaam, en aan Niet alleen, maar „met
van Christus
noodig
is,
die
u
verband
u.
Laat
waarom
maar
;
er wel
door.
dit nu,
wat deze
behoeft toegevoegd, te
maakt.
dit
arts bij
Uw
genade
arm
blijft
wel
uw
arm.
Maar
En dan eerst begint uw arm uw arm weer in het lid mogelijkheid van werking
doet,
doet Christus door zijn
om
u elke onzekerheid over de sacramenteele Doops-
is
ondenkbaar en kan
u aan het lichaam van Christus verbindt,
die
in
uw zijn
is
lichaam des Heeren
te
wedergeboorte
Stel,
zijn.
ligt
feitelijk tot
zonder tevens daardoor
niet.
hij
De band
van eeuwigheid
stand gekomen.
lid
zijn
weder-
geboren was, zoo zou
hij
toch niet buiten het lichaam des Heeren hebben omgezworven,
lid
van dat lichaam gebleken twijfel
uit
verkeeren,
zijn.
Hierover
Men
van het mystieke
Johannes de Dooper ware na
geboorte in zijns moeders schoot gestorven, eer
in
/ïmm
Doopsgenade het verband tusschen u en tusschen het lichaam
Gods raad, en
blik
uw
ziel.
kan niet wedergeboren
komt
stelt
gewrongen worden, en
liggen er wel in gereed.
uw arm
uw arm
van Christus eerst ontstaan zou. Dit
in
drie andere
doen verdwijnen. Ge moogt het u namelijk niet zóó voorstellen,
alsof door de
toch
De
genade
zoo klaar en doorzichtig, dat er nog slechts ééne toelichting aan
is
genade
liefde
te leven, als de heelmeester
Doopsgenade aan uwe Dit
lichaam schonk.
er sacramenteele
uit het lid
De zenuwen
en de band met het lichaam aan
En
dit
bekennen, welke de
eerst de sacramenteele
de band met het lichaam kan niet werken.
weer werkelijk mee zet.,
niet
van Christus; spant u aan; heft
uw arm
welk verschil
opeens
Het bloed stroomt
biedt.
hij
maakt mv genade het gemeengoed der anderen, en
genade gemeen met
merkt
Dit toch
God
persoonlijke genadewerkingen, die u alleen in
zijn
met het lichaam
eenzelvigheid op;
ge
wat God aan heel
al
duidelijk uit,
eigen ziel zoeken en zegenen in
opgegaan.
de andere genadewerkingen bijkomt.
bij
genadewerkingen toch
uw
hem
leeft,
zij."
komt het dan nu
Zoo
een
tevens deel heeft aan al het leven
de heiligen, moest
al
het leven
hesef
zijn
het leven in hem, dat een kind van
van
hij
hij
zal het wel zijn,
leven, en tusschen het leven van dat
Eerst als dat geschied
eigenaardige
Anders heeft
Er moet dus,
leven.
hand gelegd worden tusschen zijn
saamhang met het
in organischen
maar
mogen we dus geen oogen-
de ieceHsband met het lichaam van Christus
Gods raad, en bestaat van het oogenblik onzer wedergeboorte
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's