E voto Dordraceno - pagina 92
toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Vierde deel.
ZOND. XL. HOOFDSTUK
94
maar
redeneering hebben af te gaan,
we deze
weten, hoe
God
dat
moord
alles vrij
mits ge maar niet tot moord komt
van den moord
lijn
dan tevens de maatstaf in handen
deze
hebben
maatstaf
zelfde
volstrekt
omdat
niet of
Een maatstaf,
hierin
overige zonden van
alle
Gebod
dit zesde
te doen,
den kerker,
eigenlijke moordenaars, die in
woorden
giftige
gebod er ons
ze haat
hun naaste hebben
tegen
van dat zesde Gebod door
op, dat het
God
in zijn vrijmach-
maar één mensch op aarde
heeft, niet
maar meerdere menschen
te
doen leven,
dat dientengevolge persoon naast persoon komt
;
en dat alzoo Gods bestel en Gods vrijmacht aanrandt, wie er
staan;
te
toegepast.
eerst tot het gronddenkbeeld wijst dit
beliefd
bestel
tig
voorafgaande ordinantiën
hun naaste hebben gescholden.
we nu dan
vijf
Zoo hebben we dus in
gekoesterd,
gebezigd, of ook
Pogen
is
de
moord op hun conciëntie hebben, maar omdat
ze een
te dringen,
daaronder
doodslagers, die in de kerk zitten. Doodslagers voor God,
hebben
nijd
maar dat de
;
om
slechts ééne en wel de sprekendste zonde van
met de
alleen
niet
God
begrijpen. Iets waardoor ons
maar hieronder tevens
deze categorie saamvat.
maar ook met de
ligt, te
bij al
steeds door ons
noemt,
categorie
elke
;
dat als
gegeven, waarnaar we de overige geboden
is
dan ook
gelijk
Gebod
dat elk
blijkt toch,
en schriklijkste alleen genoemd wordt,
tevens alles wat op de
bestaande,
Er
„Gij zult niet dooden", in het minst niet bedoeld
:
laat,
als het ergste
te beoordeelen
stelligsten zin uit de Schrift zelve
ordinantie hebben te verstaan.
van den Sinaï ons toeroept is,
den
in
I.
tegen ingaat, het beletten wil, of er een einde aan poogt te maken, dat deze
hem
gene als persoon naast
of
staat
omdat
;
er naar
ander persoon sprake kan over
ook,
Ze te
door
vormen
;
elkander te passen
raderen
geheel uit te maken.
ook anders wezen. leden
En
het
zijn
rijk
in
;
om samen
aan elkander
elkander
te
één schoone harmonie te sluiten
vatten;
;
als
de tanden
en aldus één
rijk
In den staat der heerlijkheid kan noch zal het dan
In het ééne Lichaam van Christus zullen
samengevoegd
zijn,
om
op
te
alle deelen
wassen onder het ééne hoofd.
enkele denkbeeld, alsof in het rijk der heerlijkheid ooit iemand
naaste
hem weg
elkander, elkander aanvullend en verrijkend.
besteld en bestemd,
onderscheidene
en
van een staan tegenover een
snaren van een citer liggen niet tegen-
met de kinderen der menschen onderling wezen.
bestel,
God
bij
zeggen met opzet «aas<
met de kleuren van den regenboog. En zoo nu moest het
Gods
naar zijn
van
het
is
We
staat.
bestel nooit
De
zijn.
maar naast
elkander,
Evenzoo
Gods
hem
zuur
zou
zou wenschen,
aanzien, is
hem
een bitter woord zou toevoegen of
met de zwakste
voorstelling die ge
der heerlijkheid maakt, eenvoudig onvereenigbaar.
u van
dit
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's