Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

E voto Dordraceno - pagina 189

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

E voto Dordraceno - pagina 189

toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Tweede deel.

2 minuten leestijd

;

ZOND. XXI&. HOOFDSTUK V.

189

de diepste oorzakelijkheid Tan den eindelijken afloop van hemel en aarde

God

uit

den wil des menschen. De Arminiaan maakt

uitlicht en overtilt in

God afhankelijk van den mensch, zou

afhankelijk

stellen.

Of

beheer

van

en

bestuur

het

den mensch van

God

de Arminiaan laat wel aan

God

in stede dat hij

liever nog,

en drank, ziekte en gezondheid, maar

spijs

het bestuur en beheer over het geestelijk heilgoed rooft

den mensch in handen

maar

mensch. God

Gode,

om het

eeuwigblijvende en hemelsche hangt de beslissing aan den

het

in

hij

In het aardsche beslist dus de Heere,

stellen.

te

God

blijft

voor het leven dezer wereld dat voorbijgaat,

voor de uitkomst van het hemelsche, dat eeuwig duren

draagt

zal,

maar hij

de

oorzakelijkheid op het schepsel over.

Uit dien hoofde randt de Arminiaan God in zijn Godzijn aan, en het is

om

de geschonden eere Gods te handhaven, en daarom alleen, dat wij

Gereformeerden zoo onverzoenlijk tegen hen overstaan.

Maar, en hier

we

even

men nu

lette

en

beslist

om

wel op,

onverzoenlijk

even dezelfde reden bestrijden

de zondige lijdelijkheid

;

want ook

zij

randt de eere Gods aan.

We

zeggen de zondige

lijdelijkheid.

Immers

voor zooverre onder

lijdelijk-

heid verstaan wordt, dat een zondaar in de zake der eerste wedergeboorte

volkomen

lijdelijk

niets

medewerkt,

toe

dien zin, dat

in

is;

maar

hij

daar niets aan toebrengt, in

geheel en volkomen

ze

ondergaat

lijdelijk

alsmede dat ook na de inplanting van het zaad der wedergeboorte, geen het geloofsvermogen op kan

enkele

werking

keling

van

alleen

onvoorwaardelijk,

iegelijk

van

Gods

op

die

zij

;

in zooverre

maar

komen dan door

beamen we deze ons

stellen

wat verfijnde wijze ook,

iets,

van een

wederpartijder

tot

prik-

lijdelijkheid niet

hoe weinig het

zij,

op deze

volstrekte lijdelijkheid zou willen afdingen.

van het zaad der wedergeboorte kan de zondaar noch

Bij het inbrengen

mede- noch tegenwerken. God de Heere doet zijn

wijze, in

Maar

als

maar

ons,

men nu

dit

werk op

zijn

tijd

en op

geheel buiten ons om.

deze goede en gezonde leer, die

bij

het inbrengen van

het zaad der wedergeboorte stipt en strikt doorgaat, nu ook toepast op de dadelijke werkingen des geloofs, en voor het uitkomen van het geloof en

het werken van het geloof roeping, prediking en vermaan overtollig keurt,

en acht dat een wedergeborene eenvoudig aan gelaten, totale

dan komen we hier met

miskenning

is

alle

zijn lot

moet worden over-

kracht tegen op, overmits dit een

van het bevel en de voorzienige werking van den

levenden God. In het aardsche kon de Heere onze God ons aldoor, in stee van brood,

manna

uit

den

hemel

hebben

gegeven.

Maar

zoo deed Hij niet, Zijn

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904

Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's

E voto Dordraceno - pagina 189

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904

Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's