Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

E voto Dordraceno - pagina 554

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

E voto Dordraceno - pagina 554

toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Vierde deel.

2 minuten leestijd

ZOND. Lil. HOOFDSTUK

556

zonde aanzette of prikkelde,

ons tot

en geen oogen-

zijn heiligheid,

kan houden voor het woord van den Apostel: „Niemand

stand

verzocht wordt, zegge

hij

een gansch goddelooze gedachte,

is

wordt door

weersproken

rechtstreeks

die

blik

I.

God

Ik word van

:

verzocht worden van het kwade, en Hij zelf verzoekt ntemanc^;

wordt

iegelijk

en

verlokt

punt

Dit

„auteur

Daarna

dus

blijft

de begeerlijkheid ontvangen hebbende, baart

buiten geschil.

Wie God op

:

13— 15).

eenigerlei wijs tot een

maakt, verlaat het pad der Godsvrucht en gaat in

zonde"

der

maar een

verzocht, als hij van zijn eigen begeerlijkheid afgetrokken

wordt.

en de zonde voleindigd zijnde, baart den dood" (Jac. 1

zonde,

als

want God kan niet

verzocht,

tegen zijn heilig Woord.

Toch gaat het de

zijnen

Men mag ons

in verzoeking leidt,

dat

God

weg

de

zin

van

bede

verzwakt door

niet

God de Heere

„Leid ons niet

hier de handelende

die zijn volk en zijn kinderen in de verzoeking inbrengt.

is,

de

in

woestijn

te

niet doorleidt, en er nooit ten

einde toe inbrengt; want de eenvoudige zin der woorden:

gebeurde

cijferen.

de verzoeking alleen toe

deze

maar

er ons wel inleidt,

in verzoeking," wijst er klaarlijk op, dat

persoon

de Heere

te

heel iets anders, dan toelaten dat een ander er

is

En ook mag

inleidt.

te zeggen,

God

dat

feit,

deze bede

uit

God geacht wordt

niet zeggen, dat

want zelf inleiden

laten,

deswege het geestelijk

niet aan,

opzettelijk

snijdt

dan ook eiken

hier

twijfel af.

Het

Jezus

is

verzocht

van den Satan, niet overmits Satan dat zoo wilde, maar omdat

God het

alzoo besteld had, en er staat dan ook uitdrukkelijk

„van den Heiligen Geest

in de woestijn geleid toerd,

van den Satan" (Matth. IV

:

1.)

Ook het gebeurde

Adam

en zou Eva

kwaads

daad Gods geweest, en het

veizocht te woiden

in het Paradijs is hier

den hof van Eden geplant had, zou

niet in

De

niet gevallen zijn.

boom

plaatsing van den

deze daad Gods die voor

is

dat Hij

God de Heere den boom der ken-

het eind van alle tegenspreking. Indien nisse des goeds en des

om

bij,

Adam

is

een

en Eva, on-

der inwerking van Satans gefluister, tot een verzoeking, en in die verzoe-

king

tot

bede

niet

zonde,

lippen legt.

gevoeld

geworden. Ge kunt dan ook de kracht van de zesde

is

beter gevoelen, dan dat ge ze aan

Denkt ge

had,

u, dat

Adam,

bij

welk gevaar hiermee over

Adam

voor zijn val op de

het opkomen van het proefgebod

hem kwam, dan

zou

oogenblik zoo ten volle naar waarheid hebben kunnen bidden mij

en

Eva

verlos ons

Op van

niet

in

deze verzoeking,

:

in dat

„Heere

ze over ons

leid

komen,

o,

dan van den Booze."

dien grond gaan dit

maar moet

hij

„leiden

in

we

niet

mede met

verzoeking" ook

maar

hen, die den vollen diepen zin eenigszins verzwakken willen,

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904

Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's

E voto Dordraceno - pagina 554

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904

Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's