Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

E voto Dordraceno - pagina 91

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

E voto Dordraceno - pagina 91

toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Vierde deel.

2 minuten leestijd

ZOND. XL. HOOFDSTUK

93

I.

Thans echter met het zesde Gebod bevinden we ons

God noch ook

over

samenleving

de verhouding tusschen dien

bij

maar midden

;

alsnu krijgen

de menschelijke

En

samenleving onder de menschen.

in die

we achtereenvolgens

meer tegen-

niet

God en

vier geboden, die ons verbieden 1.

iemand

dooden, 2". iemands vrouw te ontheiligen, 3". iemands goed te stelen,

te

en

iemands naam

A^.

Nu

orde.

schenden

te

en zulks wel in deze bepaalde volg-

;

we

vroeger reeds opgemerkt, en

is

zullen hierover thans niet

verder uitweiden, hoe de volgorde van deze vier geboden evenwijdig loopt

met ten

Immers

die der drie eerste geboden.

Dit staat dus geheel

zoo wordt ons in het eerste en in het

gelijk. Juist

Gebod geboden, dat we God

achtste

niet

persoon

als

Gebod

niet als

menschen het zichtbare dat

aanranden.

zullen

En wat nu

het zevende en

maar

dit

moest wel, omdat voor ons

om

zich deelt in de wereld

ons en het lichaam

we aan ons hebben, en we onzen naaste dus kunnen aanranden én zijn

goed én

van

kan

misbruiken.

Dat

sprake

op

God, en den persoon van onzen

zoo staat tegenover deze twee ordinantiën in de

betreft,

eerste reeks wel slechts één gebod;

in

God heet het

naam niet ontheiligen zullen, en hier evenzoo is we den naam van onzen naaste niet schenden zullen.

het slotgebod, dat

naaste

onze verhouding tot

dat we Gods

slotte,

zesde

bij

zichzelf

oponthoud

zijn zijn,

om

terwijl er bij

;

schepping,

de

eindelijk het tiende

d.

i.

God

natuurlijk alleen

zijn goed,

Gebod, waarmee de

tegen

Wet

Hem

sluit,

te

geheel

stemt ieder toe; en zoo kunnen we dan zonder verder

staat,

tot

huwelijkstrouw

de toelichting van het zesde, zevende, achtste en negende

Gebod overgaan, en wel

in de eerste plaats tot de toelichting

van het:

Qij zult niet dooden.

nu

Hetgeen zoo

de

aantrekkelijk

behandeling van deze zesde fundamenteele ordinantie

maakt

dat

is,

de Schrift zelve ons dit Gebod in zoo

stelligen zin ontleed heeft. Als toch in

verklaard wordt

dan

weten

we

:

„Een

1 Joh.

iegelijk, die zijnen

IQ: ISopzoostelligen

broeder haat,

is

ontwijfelbaar zeker, dat God, gelijk de Catechismus zegt,

„haat, nijd, toom, wraakzucht en dergelijke voor een doodslag houdt." uitspraak, die niet zoo stellig

eigen lippen

gezegd zijn

is

:

is

Gij

toon

een doodslager,"

maar toch

opgevangen, toen zult

door het gericht.

niet

Doch

zeg

van Jezus'

sprak: „Gij weet dat van de ouden

hij

doodslaan ik

zakelijk even scherp

Een

;

u,

maar wie

doodt, die zal strafbaar

wie tot zijn broeder zegt

zal strafbaar zijn door het helsche vuur." (Math.

V

;

27

:

v. v.).

Gij dwaas, Jesus gaat

dus zóóver van met de eeuwige verdoemenis een iegelijk te bedreigen, die zijn

naaste ook slechts hierdoor aanrandt, dat

dwaas.

Bij dit

hij

hem

uitscheldt voor een

gebod hebben we alzoo het voordeel, dat we niet op eigen

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904

Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's

E voto Dordraceno - pagina 91

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904

Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's