E voto Dordraceno - pagina 374
toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Vierde deel.
376
XLV. HOOFDSTUK
ZOND.
gebed vaak
het
VIII.
Maar evenmin mag het
echten zin Christelijk was.
in
daarom zoo worden opgevat,
naam"
alsof „bidden in Jezus'
eigenlijk niet
anders beteekenen zou, dan bidden in den geest van Jezus, zooals Jezus,
ware
hij
als
uw
in
het
onzen toestand,
in
nemen
voorbeeld
gebed
u
Ge zoudt dan Jezus
Gij
alleen
Hij zou ook
Verlosser.
dan een gewaardeerd en hoog staand
uw
zoudt op
gij
komen
beurt, er trachten te
gelijk
hem voor God gaan staan, terwijl hij moet staan in. En hier nu ligt die gewichtige belijdenis van den
naast
zoudt
uw God
tusschen u en
uw
en verloochenen als
niets anders zijn
voorganger, maar toch hij.
gebed zou uitspreken. Dit toch ware een
zijn
ongeloovige voorstelling van de zaak.
gansch
toegang en de foeleiding tot den troon der genade, en de vrijmoedigheid
om
waarvan de Schrift ons met zooveel nadruk spreekt. In ver-
te gaan,
in
band met deze quaestie spreekt de
heilige apostel
Paulus
van „het
zelfs
eeuwig voornemen, dat God gemaakt heeft in Christus Jezus onzen Heere, in denwelke wij hebben de vrijmoedigheid en den toegang, met vertrouiven,
door de genade^ Dit
we „een Voorspraak hebben
dat
is het,
Jezus Christus, den Rechtvaardige." Het
is
bij
den Vader,
waarover onze
dit stuk
belij-
denis zich in Art. 26 zoo breed en in zoo roerende taal uitlaat, verwijzende
naar het zeggen des apostels
„Laat ons dan met vrijmoedigheid toegaan
:
den troon der genade, om geholpen
En
hier
om
Christus ook leeft Zult
ge
nu
worden,
ter
komt
wat ons zoo
uit
troostrijk betuigd wordt, dat
voor ons te bidden.
zeggen,
dat
wereld, die bidt zonder den Christus te
de
kennen, dan een voorrecht boven den Christen geniet, daar nadert,
en
Christen niet anders dan in Jezus'
de
Maar
ongerijmdheid. vergelijking
Wie
tot
bekivamer tijd." Hier juist
van Christus' Hoogepriesterschap naar de ordening van
schittert al de glans
Melchizedek.
te
zoo
ligt
de zaak dan ook
met wat aan het hof
uit zichzelve
naam? Dit ware
een
Laat ons door een
niet.
der vorsten geschiedt, dit ophelderen.
maar ten
vooral in Oostersche landen,
zij
deele ook nog in onze
Wes-
tersche landen, een verzoek tot zijn vorst wil richten kan dat, op tweeërlei wijs, doen.
Hij kan het, gelijk dit in den regel geschiedt, doen door een
adres of een petitie of request, dat hij
min weg.
ternauwernood of
de
weet,
vorst
Een geheel
er
of
Dan
hofhouding
in
men
hun voorspraak
roept
persoonlijk
draagt verscliil
regard
eenig
andere.
verstandhouding
voor
nu met bestaat
den
in,
troon,
hier.
op
te
en
's
konings oogen komen
zal
Maar
slaan.
vrijen
toegang
belangen
voor.
Het Melchizedeks-gebed,
als
en
En
zal,
veel
nog een
er is
men met de lieden van treden, men poogt hun gunst nu gaat men zelf ten hove,
zijn
waarvan
uit de verte inzendt, en
's
konings
te
winnen,
zoekt
ontvangt
vrijmoedigheid
nu
hij
het onder
verschijnt
inleiding, juist
en
ditzelfde
we ons zoo mogen
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's