E voto Dordraceno - pagina 382
toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Tweede deel.
Job met
was
met
liggen.
zij
zeggen, dat er dan ook wel
te
En
daartegen nu
een
God geslagen bij
wierden, dan kon dit niet
hun tekortkoming en overtreding,
al
oorzaak hebben
andere
gekend
meerdere
een aanklacht
hem
men hem volk
ah
Israël
moest
neerknielt,
ander
een
in
zijn
in
maakte,
afbeeldende
Wat
maar
zeggen
wil,
viel.
hem dan dan
heeft,
tegenover zulk
dat
hij
in deze bepaalde
wel in stof
zaak, waarin
onschuld staande houdt.
zijn
viel
man
droeg dan voor ons. Het was voor
schaduwen,
volksbestaan
het
en
dit
in
schaduw wandelend
Verbond des Heeren uitwendig
dus van de rechtvaardigheid des geloofs die
er voor Israël als volk ook sprake
van een uitwendige
zelf geheel
buiten de zaligheid
gerechtigheid,
Een
meerdere zonde
hij
wel
toch weet, dat
God hem geslagen
dwingen,
karakter
de
Geheel afgezien
afbeelden.
elk
opgemerkt, dat het Genadeverbond met Israël voor het
wandelen
een
omging.
zij
natie
Israël
zalig
is,
tot schuldbekentenis wil
Ten tweede
in
hiertegen op, en mainteneert
God
assche voor zijn
hij
hij
verdacht allooi of openbare vijanden,
zaaksyerechtigheid.
zijn
omdat
niet overkomt,
willen bewijzen, dat
daaruit
wat in
al
hem
lijden
ongelijk
komt
geen
die
hij,
om onzentwil. En dit nu geldt voor overkomt hem een lijden en ongeval, waarin
vrienden van
de
als
vreesde.
een oorzaak die eerst ten
;
conscientie wordt wakker geschud, maar waarvan
zijn
God
had, sterven zou
kind van God. Gedurig
En
in Israël
met deze heidenen,
het kruis van Golgotha zou openbaar worden, als
in
zijn
kwam
dan toch, vaak meer dan de omliggende
door
want immers,
afval,
Het moest dus
en
zijn
toch onder alle volken altoos het eenige volk, dat
zij
zonde
als
Moab en Edom,
om hun
volle
En
vasthielden.
volken van
waren
dat
de God-getrouwen, die alleen onder alle volken der aarde aan
zij
Jehova
in het leven voor,
treft; en dat zijn vijanden, vooral zoo hij
besef van eigen onschuld op. Vergeleken
heilig
waren
hij
bijzondere lijden was geen bewijs van
dit
hem moet
bij
de overige zondaren, kon ook
als
nu komt het telkens
zoo
dan aanstonds gereed
is,
een groote schuld
zijn
En
schuld.
een ontzaglijke ramp
vroom
het
Zondaar
maar
alleen door genade leven,
iemand
IV.
de energie van zijn conscientie op. Neen, van zulk een gruwel
al
zich niets bewust.
hij
bijzondere
dit
XXIV. HOOFDSTUK
ZOND.
382
in
op
die
Israël,
die
zich
uitwendig
naar het gebod leefde, de
offerande offerde en zich stipt aan den ceremonieelen eeredienst hield, had
daarin
nog
daardoor
wel was typische
niet
den
minsten
nog in het minst niet hij
waarborg voor eeuwige zaligheid en was geestelijk rechtvaardig voor
God
daardoor uitwendig een rechtvaardige in nationalen
rechtvaardigheid
rechtvaardigheid
voor
de prediking van het
mag
;
maar
zin.
Deze
dus nooit of nimmer met de wezenlijke
God verward worden, en
Oud Verbond moet men
zoo
bij
de lezing als
wel toezien, dat
men
bij
deze
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's