Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

E voto Dordraceno - pagina 223

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

E voto Dordraceno - pagina 223

toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Eerste deel.

2 minuten leestijd

ZOND. X. HOOFDSTUK

217

II.

dat de Heilige Schrift, die altoos zoo diep van de eeuwigheid van Jehovah,

den

Eeuwiglijk-zijnde,

zelve doordrongen

en ons doordringen

is

dan

wil,

ook nimmer van de Voorzienigheid spreekt, maar ons wel altoos en overal,

almogende

de

alomtegenwoordige

en

kracht

Heeren

des

oogen

voor

stelt.

het dus

Zij

Gods"

dat we, naar menschelijke wijze, van „de Voorzienigheid

al,

blijven spreken, toch

een iegelijk op zijn hoede, dat deze manier

zij

van spreken geen schade aan

en aan

zijn levensrust

zijn

op

God vertrouwen

toebrenge, en steeds strale u uit heel de Schepping en uit heel

uw

eigen

leven tegen die eeuwige, alomtegenwoordige mogendheid des Heeren Heeren,

u draagt, u omsluit, u omvangt, u doordringt en

die

en gebaand heeft, eer

weg

er

gij

aan toekomt,

om

al

uw weg gemeten

op dien voor u onzekeren

te gaan.

TWEEDE HOOFDSTUK. Het

wordt in den schoot geworpen, maar het is van den Heere. Spreuken 16 33.

lot

geheele beleid daarvan

:

Tegen der Christenen ongeloof

van de Voorzienigheid Gods,

belijdenis

stelt

het

van ons natuurlijk en verdorven hart twee geheel andere voor-

stellingen van

den gang van het heelal

over,

t.

w. óf dat alle dingen door

een geheimzinnig Noodlot beheerscht worden, óf wel dat

alle

dingen be-

heerscht worden door de Fortuin. Is een natuurlijk kiest hij voor het

mensch meer een denker dan een gevoelsmensch, dan

Noodlot;

drijft

hij

daarentegen meer luchthartig op de

prikkeling zijner indrukken, dan zult ge bevinden, dat hij een aanbidder

van de Fortuin Niet hiervoor

en

zijn,

al

om rondweg bijster

niet

zeggen kunt ge niet afgaan. levens, als hij er zelf niet op

dat

uit

te

God

hun oude natuur leven

niet.

Ge moet

al wijsgeer

belijden, dat niet

God maar

/ïe? iV^ooc?io<

wuft en dartel,

men, dat de Fortuin en

ge

nog ganschelijk

zouden uitkomen. Dat in het minste

van ambacht heerscht,

is.

alsof alle lieden, die

over

om uw

driestweg er voor uit te ko-

leven beslist.

Ge moet hem bespieden let,

hoe

hij

zijn eigen

Maar op iemands

in de practijk des

hart verraadt.

doet zult ge bevinden, dat ons natuurlijk hart nooit en

aan Gods Voorzienigheid de Fortuin.

gelooft,

maar

En

zoo

nimmer

alleen op het Noodlot valt óf op

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904

Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's

E voto Dordraceno - pagina 223

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904

Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's