E voto Dordraceno - pagina 37
toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Tweede deel.
ZUNü. XIX. HOOFDSTUK
37
II.
TWEEDE HOOFDSTUK. De Heere heeft ^ot mijnou Heere gesproken: Zit aan mijne rechterhand, totdat Ik uwe vyanden zal gezet hebbon tot een voetbank uwer voeten. Ps. 110
De
onze Apostolische geloofsbelijdenis,
maar
vinding,
uit de Heilige
Schrift.
beeld
gelijk
oudtijds
dit
's
loopt, doet
Konings Dit
maar
heerlijk-
toont u die in een beeld.
in
Oosten
het
en
schitterde
nog naar vaste ceremoniën. In
en spreekt niet een ieder, naar het
dit
nog
er
Konings
maar
gevalt,
zwakke maar toch schoone afspiegeling van den strengen
den dienst des Heeren Heeren
die in
hem
's
beweging en lippenuiting.
wil beheerscht aller
een
is
eisch
van menschelijke
is.
Zelfs aan ons hof gaat alles paleis
niet
aan het koningschap op aarde ontleend, met name aan
is
koningschap,
gekend
is
Ze omschrijft de macht en
heid van den verhoogden Middelaar niet,
Dit
1.
„Zittende aan de Rechterhand Gods, des almachtigen
uitdrukking:
Vaders," in
:
geldt, dat ook in zijn paleis
en heiligdom niemand eigendunkelijk handelen of naar eigenwillingen dienst streven
zal,
maar
aller
richten
zal
naar
de
Dit
instelling,
omdat
Hem
bij
bij
omdat op hen een schaduw van
den
die goddeijke majesteit gelegd
zal een wel onderleid
uit te leggen,
koninklijk
hoe
worden
paleis
al
is.
het hof noemt de etikette of de
ceremoniemeester des Konings u
deze ceremoniën en levensregelen, die in het
waargenomen, wel verre van wilkeurig
integendeel een duidelijk sprekende en zinrijke beteekenis hebben. is
verbasterd
zeer
is,
schoone
om
zijn,
En
al
en daarom thans haar zin en beteekenis niet terstond meer
wordt,
evenredigheid paleis
te
menige ceremonie, doordien men haar oorsprong vergat, allengs
het, dat
gevoeld
maar
aardsche vorsten valt waar te nemen,
men nu wat men aan
Raadpleegt ceremoniën,
weten
de ordinantie en het woord des Heeren.
die Majesteit in oorspronkelijke glorie blinkt,
zwakkere mate toch ook
die in
in volstrekten zin
de eisch der Majesteit, die ten hoogste in den dienst des Heeren
is
geldt,
daad en woord en dienst zich
toch
hadden
beduidenis,
en
in
den Koning
en
schoone als
al
deze ceremoniën
bezaten
harmonie
alle
bij
heur oorsprong een
de strekking,
om
naar juiste
heel het leven in het vorstelijk
het middenpunt en de bron van
alle
hoogheid
te schikken.
Gelijk
in
het heiligdom des Heeren, dat in de woestijn door Bezaüël
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's