E voto Dordraceno - pagina 125
toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Tweede deel.
XXI. HOOFDSTUK
ZOND.
125
III.
van de maagd met de lamp in de hand, van de visschers die hun net in de
van
werpen,
zee
landman
van speellieden
binden,
die schoone parelen zoekt, van
jjoopman
beurtelings
den
van bruiloftskinderen die in jubel uitbarsten,
Roeping der predikatie
die lofzingen, en zooveel meer.
om
het derhalve te
den
die zijn land bezaait,
is
deze trekken op het hart van Gods volk
al
naar gelang van de zonde die bestreden of den troost die
al
En
toebedeeld moet.
indien nu de predikatie in plaats van deze Schriftuur-
lijke
volheid en rijkdom uit te storten, zich te veel opsluit in de pelgrims-
idée,
dan kan het gevolg niet
beginsel
actief
wordt
prediking
onvolledige
veerkracht
droomenden
hemel
moesten
en
ernstig
Gods volk gebroken, het
maar,
meer omgezet
teleurgestelden, ze weten niet
in een half slapenden,
niet afgelost en
door Gods engelen.
zijn
we
keizer Constantijn den Groote, een machtig vorst
aan
Christen,
maar
die
ongemeen
veel
kwaad over
heeft gebracht. Te kwader ure toch sloop in zijn
ziel
Christus' kerk
de gedachte, dat de
kerk van Christus reeds hier op aarde heerschende kerk moest
scheen het
dat, zoo
toe,
maar
voortplant-
der kerk spoedig uit zou zijn en de kerk reeds op aarde
ten,
de
kon
triomfeeren.
strijd
Naar dat denkbeeld handelde
den langen hangen
strijd
hij
dan ook, en de kerk,
moede, greep gretig dat machtig denkbeeld aan,
gaf van toen af de leiding over aan het keizerlijk paleis. Toen
wereld
dan
heidendom
opkwam, Het
ook
met geweld
is
overwonnen.
spoedig
staatsmacht
geld,
terwijl
Volk na volk
En
uitgeroeid.
staatsgeweld
en
de kerk
in heel
is
is
met hulp van
de
is
toegebracht.
Het
staats-
Europa, en, totdat de Islam
Azië en Afrika geplant. Toen viel er niet meer te strijden.
in
doel van den strijd was bereikt.
sticht. En Men had
Hem
zijn.
de vorsten en koningen der aarde het Kruis van
Christus door staatsinvloed en desnoods door wapengeweld
en
den
eigenlijk reeds in
die
waarom, nog
gaan van het veerkrachtige en bezielende begrip der strijdende
teloor
danken
kerk
van
kring zijn,
nog niet afgehaald
Dat
in
de Kerk van Christus gedood, en wordt de heerlijke,
in
levende, strijdende kerk des Heeren al
half
van zoo
uitblijven, of als noodlottig gevolg
de
men
gezegd
had
Jezus
streed :
rijk
dat gesticht moest was ge-
met de Kerk verward en
zoo wierd het Godsrijk gestreden,
Het
niet
„Mijn
rijk
vereenzelvigd.
meer. Thans heerschte men. is
7iiet
uit deze wereld
;
anders
zouden mijn dienaren voor mij gestreden hebben", achtte nu de Kerk Evangelie
Koninkrijks
des
vlak
te
mogen omkeeren,
en
toch
En
in
dit
een
Staatskerk of Kerkstaat heul en heil te zoeken.
Toch bleef altoos
een
er
onder
beginsel
dit
boos gesternte, zoolang de Reformatie nog toefde,
van strijd
in
de kerk over.
Immers op
dit
toppunt
van macht en heerschappij bleef nog altoos de inspanning en worsteling
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's