E voto Dordraceno - pagina 9
toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Eerste deel.
ZOND.
I.
HOOFDSTUK
I.
wat (op die wijs
afdeeling, zoo ook hier, slechts datgene ter sprake kome,
verband) niet ter sprake komt in eenige volgende Af-
althans
en in
deeling.
Elke Zondag had in Ursinus' plan een eigen bedoelen.
dit
dat oorspronkelijk plan en logisch bedoelen
mag
Kennelijk hoofddoel nu van deze eerste Zondagsafdeeling
u een geheel eigenaardige levensopvatting.
tigen troost, dus als brengende
ge
wereldbeschouwing en een vulling van
een
wilt
dat ge de
is,
brengende u den eenigen waarach-
Christelijke Religie zult opvatten, als
Zoo
En van
niet afgegaan.
uw
bewustzijn,
ge van nature hebt, overstaat.
die lijnrecht tegen de voorstelling, die
Uit dit oogpunt moet de eerste Zondag bezien worden. Alleen zóó beheeft ze reden van bestaan
zien,
den ingang van het schoon geheel,
bij
dat in de volgende Afdeelingen voor u staat opgetrokken.
waarom
ge,
summierlijk
hier
ontvouwd
staat
Maar dan
saamgevat,
is
wat
worden.
te
het ook volstrekt noodig, dat we het denkbeeld van „troost"
is
hier niet ziekelijk noch sentimenteel vervluchtigen,
kracht
kelijke
Eerst zoo vat
straks in zijn deelen
staan
laten,
w.
d.
dat
z.
we
maar
in zijn oorspron-
„troost" opvatten als een
overlegging in ons verstand.
we
Dit spreken ons
zijde
steeds
Reformatie
daarom zoo
in
duidelijk uit,
waarover we ons
omdat men van ethische
van de Gereformeerde Belijdenis
karakter
„verstandelijk"
dit
als iets,
schamen hadden,
te
met onze uitnemendste vaderen
omgekeerd
juist
juist
eigenaardig
dit
karakter
verwijt, terwijl wij
uit
den
bloeitijd der
van onze gezuiverde Belijdenis
onze eere stellen. TJrsinus
tuige zijn.
van
dit
zelf,
de hoofdopsteller van den Catechismus, kan hier onze ge-
Immers
in zijn Schatboek verklaart hij zelf,
woord „troost" toegekomen
:
Onder
aan de uitlegging
troost versta ik hier
overlegging in het verstand, waardoor wij zulk een groot goed
tegenover
stellen
een
:
„eene
komen
te
dreigend of drukkend kwaad, dat het onze droef-
heid kan verzachten."
Dat laste
hier
nu
volstrekt jiiet
meê bedoeld
leggen, spreekt wel vanzelf.
De
is,
wat de ethischen ons ten
gedachte reeds, alsof ooit de ver-
standelijke overlegging of redeneering, bleef het daarbij en hing die in de lucht, ook
maar het wicht van een
heid zou bezitten,
legging
niet
is
waard,
voor den
en
elk
stroospier in de weegschaal der vroom-
man van
ernst de moeite zelfs der weder-
kenner van de heiligheden Gods weet wel,
dat geen hunner ooit aan iets anders dan aan de levenskracht der godzaligheid en het wezenlijk werk des
kunnen steeds
er dus niets
Heeren waardij heeft toegekend.
We
aan doen, dat de ethischen goedvinden, ons ten deze
een caricatuur van ons bedoelen na
te
zenden.
Op
tegenspreken
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's