E voto Dordraceno - pagina 327
toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Vierde deel.
ZOND.
Gebed
minder
niets
XLV. HOOFDSTUK
329
II.
dan één der drie noodzakelijke geledingen, één der drie
is
onmisbare schakels, in het geheel der Christelijke onder wij zing e. Het „Gebod," het „G-eloove" en het „Gebed" zijn de drie stukken die
saam het machtig
ge-
heel der „Christelijke Leere" uitmaken. Zeer terecht heeft de Christelijke kerk
dan ook
eeuwen
alle
door, alle Christelijke onderwijzing vastgeknoopt aan
de Tien Gebodett, de Twaalf Geloofsartikelen en het Onze Vader; en
werk der Zending er zich van oudsher, onder
aan de nieuw bekeerde volken
drie
alle natie,
In den laatsten
in te prenten.
hierin
slapper geworden, maar zoolang het
leefde,
en geen oogenblik het doel
uit
bij
het
om
deze
tijd is
men
op toegelegd,
kerkelijk besef in de zending
het oog werd verloren,
van Christus ook onder die nog afgekeerde natiën
te planten,
om
de kerk
begreep
men
er een vaste gedachtenkring voor de
nieuw bekeerden
moest ontsloten worden; dat die gedachtenkring uit het
middenpunt van
dat
terecht,
zeer
Heilige Schrift moest worden
de
gedachtenkring
dien
aangenomen
volledig moest zijn.
En
en dat de ommeloop van
;
nu bood
voor dit doel
zich
„de Wet", het twaalftal „geloofsartikelen" en het „Onze Vader" vanzelf aan.
Deze dne stukken toch waren aan heel de kerk van Christus op aarde
gemeen. In gewijde formuleering lagen ze gereed.
En saam
omvat'ten ze
en kern geheel en volledig den inhoud van wat de Christelijke
kiem
in
religie
van allen valschen godsdienst onderscheidde. Wie op deze drie het
Amen
zijner ziel uitsprak,
had gebroken met wat
uit
den „Vader der leugen"
was, en had zich toegekeerd tot den „Vader in de hemelen."
En nu aanvang
is
niet diep ging, op vrij bedenkelijke wijze in de oppervlakte bleef
hangen, en
in
bij
maar
bestond; trap
het volkomen waar, dat deze manier van onderwijzing in den
van
velen in weinig meer dan in een nastamelen van woorden hier
tegenover,
staat
dat vele natiën nog op zoo lagen
geestelijke ontwikkeling staan, dat er
aan een dieper indringen
de Christelijke mysteriën voor hen niet te denken
men
zelfs
tot
onder
de
Kaffers
valt.
Want
wel vindt
enkele schrandere en diep gevoelende
personen,
met wie men aanstonds
massa
daarvoor onbekwaam. Zelfs in ónze steden en dorpen vindt ge
nog
is
in vrij
zelfs
mannen en vrouwen,
die ja lezen en schrijven
ge
dan
uitrichten,
die
wilt
aandrift gekend heeft,
met
die
dat
geheel onontwikkelde massa in Azië en
eeuwen lang geen andere noch hoogere dan
om
reeds
zoo
religieuse
zekere werktuiglijke vormen waar te
en bijgeloovig op zekere doellooze gebruiken acht zijt
is,
aan de hand van het Kort Begrip, ze niet dieper in kunt leiden.
En wat Afrika
kan gaan, maar de groote
maar wier geest zoo bot en wier vermogen zoo beperkt
kunnen, ge,
grooten getale
veel verder
te
nemen
nemen. Waarlijk, ge
ongelooflijk veel gevorderd, als ge voor zulke lieden door
de „Wet", de „Geloofsartikelen" en het „Onze Vader," een geheel nieuwen
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's