E voto Dordraceno - pagina 250
toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Vierde deel.
252
ZOND. XLIII. HOOFDSTUK
met deze zonde bezocht een
om
hoort ge altoos gereed,
zijn,
ieder vonnis te strijken.
III.
Een ander
over allen en
maar
aarzelt nog,
weten
zij
het,
aanstonds maken ze hun vonnis op, en wordt hnn oordeel, meest op
en
hoogen
en
verzekerden
toon
uitgesproken.
hun dan een tweede natuur, en doet deelen dan
dan van
om
zelf,
om
zucht
En
te spreken.
vrij
hen
toe neigen liever te veroor-
om
deze zucht
uit
wrevel of antipathie
als er zekere
te declineeren,
er
Dat booze aanwensel wordt
om
te verguizen,
om
veroordeelen wordt
te
bij
in het spel komt, de
om
te lasteren,
te hoonen,
zedelijk te vermoorden, geboren.
Daarom
het zoo volkomen juist van onzen Catechismus gezegd, dat
is
God ons
in dit
klapper
of
Gebod
lasteraar
verbiedt, te
iemands woorden
te verkeeren,
een achter-
en lichtelijk of onverhoord iemand zelf te
zijn,
veroordeelen of te helpen veroordeelen.
Maar als
natuurlijk het meest booze karakter in
ik
gerecht
het,
dat
neemt deze zonde
kwaad indraag, en mij
altoos
niet ontzie voor
aan den
rechter de waarheid te bedekken of te vervalschen. In het gerecht onder-
vraagt de Eechter mij in den
oog
staande,
mantel haat,
of
en
ik
des Heeren.
En
als ik nu,
en valsch getuigenis geef, of omdat
hem, zoo
hij
eigen schade, dan heeft de booze
onschuldig
Christenplicht
getuigenis
en
Gebod
plicht
niet redden wil tot mijn
is,
macht van de leugen
in mij haar hoog-
zijn
van
onder menschen
trouw
met
niet te haten.
Ook
hier
liefhebben van den naaste komen. Oordeelt niet, opdat
Met wat maat
gij
door zijn goed
naam men
lieflijk
het
Ook
moet het gij
is,
hier
tot
een
niet geoordeeld
meet, zal u toegemeten worden.
eigen ervaring, hoe zoet en goed en
bij
is,
schuld in opspraak of verdenking kwam.
toch kunt ge niet volstaan
nu
de uiterste
is
verbiedt; waar dan tegenover staat, dat het
een iegelijk te hulp te komen, wiens eer of goede
merkt dat buiten
wordet.
mijn naaste
ik
toppunt bereikt, en wordt ze rechtstreeks satanisch. Dat
ste
pool van hetgeen dit
voor Gods
den eed gebonden, desniettemin de waarheid be-
door
verdraai,
omdat
of
Naam
als
En weet
ge
iemand door
een
goed getuigenis booze vermoedens van u afwendt, waartegenover ge
zelf
machteloos stondt, dan
geen ge
uit liefde, in gelijk geval,
Over de vraag
kunnen we kort Alles
was
te
eindelijk of
uw
van
zelf
de aanzegging van het-
naaste schuldig
men gehouden
is
zijt.
al de ivaarheid te zeggen,
zijn.
zeggen wat ge weet,
is
u nooit
als plicht opgelegd.
Veeleer
het in menig geval beter, dat er minder gezegd, en wat meer ver-
borgen
maar
ligt hierin
werd.
niet
Mits,
en
dit
is
natuurlijk het vaste beding, mits ik
den valschen schijn aanneem, van wel
alles te zeggen.
dan
Hiermee
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's