E voto Dordraceno - pagina 456
toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Vierde deel.
458
ZOND.
een
XL VIL
hoofdstuk
met een welaangelegde
karakter,
op blad
en
en
vliegt,
en in den ander
persoonlijkheid,
hebt ge te doen met een gedachteloos leven, blad
III.
van den vlinder,
iets
alle innerlijke eenheid,
die
van
zielskracht
alle innerlijke
Zoozeer nu het ééne u aantrekt, zoo
alle innerlijke zielsrichting mist.
stoot het andere u af; en aldus, erkent ge onbewust, dat zulk een karakter,
zulk
ting
te
Voor
een innerlijke levenseenheid, zulk een levensdoel en levensrichbezitten schoon en goed, en dus ook voor u noodzakelijk
overspanning wachte
alle
men
schen mensch en mensch. De één
dan
de als
drijft
De één
ander.
God
zijn
één
tien,
klieft als
zich hier
nu by. Er
uitstrekte naar de tien talenten.
den ander
weer een ander
vijf,
verschil tus-
een zeekasteel de golven, en de ander
een boot achteraan. Het zou dus dwaas
hand
is
—
van brein door God geschapen
rijker
is
is.
drie,
zoo elk kind van
zijn,
Gods vrijmacht gaf den
en aan de meesten slechts
één talent. Dat schikken en richten van ons leven moet dus door iegelijk
mate geschieden, en
zijne
in
om
geprikkeld voelde,
op
daartoe
al is
romanlectuur bedorven, zich
wie, door veel klein, toch
hij
een groote figuur te wezen, en
teenen zich uitrekte, zou geen behaagelijken noch wel-
zijn
dadigen, maar eer een lachverwekkenden indruk maken. Het: „een iegelijk
in zijn
het
oog
mate" mag daarom ook
worden
vrijmachtig
De
cederboom. als
het Christelijk karakter niet uit
iegelijk gelijk Hij
evengoed een eigen karakter
veldlelie heeft
licht
aan een
uit,
bij
want ook de Heilige Geest deelt
verloren,
kleine planeet
Mars
bezit
wil.
als
Maar
dat deert niet.
De
de hoogopgaande palm of
evengoed een
de reusachtige üranus of Saturnus.
gaven
zijne
rijke tinteling
En daarom
van de minsten onder de broederen of zusteren, dat ook
van
geldt het zelfs zij
van God een
eigen leven ontvangen hebben, en dit eigen innerlijk zielsbestaan hebben te
schikken en te richten.
De drang koren
te
hiertoe
Uitverkoren
zijn.
we uitverkoren
komt vanzelf voort
de
zijn tot zaligheid.
uitverkiezing
is
om
Wie
het zoo verstaat, beschouwt de uit-
onzentwille.
En
dit
nu mag
een werk waarvan de regel geldt, dat
in de eerste plaats doet
om
van uitver-
beteekent toch volstrekt niet alleen, dat
zijn
verkiezing als geschied alleen
uit het innerlijk besef
zich zelfs wille.
En daarom
is
God
niet.
Ook
alle
ding
de uitverkiezing
tevens de uitverkiezing tot een roeping, tot een dienst, tot een eigen taak die in het Koninkrijk Gods,
gelegd. Juist blinkt
Juist
er
in
omdat onze heel
hier en straks daarboven, voor u
is
weg-
Calvinistische vaderen dit geloofden en gevoelden
hun optreden zulk een veerkracht en doortastendheid.
daardoor hebben ze wonderen verricht en de wereld verbaasd door
hun betoon van moed en hen
nu
tot
helden.
Het
wilskracht. Dit geloof scherpte hen en
tobben
over
hun
staat kenden ze
maakte
daarom zooveel
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's