Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

E voto Dordraceno - pagina 225

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

E voto Dordraceno - pagina 225

toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Tweede deel.

2 minuten leestijd

XX

ZOND. spraken,

ook

die

grond onder den

omdat

Zoo

het b.

is

hem

heden met

hij

Jezus tot den moordenaar aan

als

v.

in het Paradijs zal zijn."

aangegeven; het korte der uitspraak de gedachte aan beeldspraak

dat

er geen dege, ernstig

gemeende, voor

Maar anders

uitsluit;

een bespot-

verstaanbare belofte in lag op-

met de

het reeds

is

hem

tot

gemaakt hebben, indien

ting van den plotseling bekeerden kruiseling zou

rijken

En

deze uitspraak tijd en plaats zoo ongevraagd duidelijk zijn

in

en de ontzettende ernst van het oogenblik zulk een woord

gesloten.

Maar

hebben we slechts een zeer enkel maal geheel vasten

voet.

het kruis zegt: „dat wel,

225

hooi en te gras in de Heilige Schrift voorkomen.

te

die uitspraken

hij

HOOFDSTUK V.

[I.

van Lazarus en den

gelijkenis

man. Hier toch hebben we met een

gelijkenis te doen, die vanzelf

dus het vermoeden voor de

tot teekening in beeld aanleiding gaf, en ligt

hand, dat de figuren en gestalten, die hier voor ons treden, slechts dienst doen,

om

de geestelijke waarheid die Jezus wil inprenten, in beeld voor

men

wat bijna zekerheid wordt, zoo

stellen. Iets,

te

man, Lazarus en Abraham na den dood voorkomen. Iets wat toch

strijd

als

met hun

er op let, dat de rijke

nog met hun lichaam hekleed

doodsstaat. Juist dat er gespro-

ken wordt van een tong die brandt, en een vinger dien

doopen

wil

de voor

onzen

bewijst

enz.,

afzonderlijke

duidelijk,

trekken

van

deze

na

den

dood,

toestand

men

dat

men

in het water

ver gaat, zoo

te

men

uit

eenig gevolg wil afleiden

gelijkenis

hangende

de

van

berooving

ons

lichaam.

We

gaan dus

geopenbaard

veiligst

met

en mysterie

is,

niet wijs te willen te

wezen boven hetgeen ons

laten wat toch een raadsel voor ons

Immers wat sommigen op grond van 2

Cor.

V:l — 6

blijft.

geleerd hebben, dat

de ontslapenen, in afwachting van de wederopstanding des vleesches, die eerst

met

den jongsten dag komt, inmiddels in den hemel een

God zouden ontvangen,

hulplichaam, van ding. bij

„Het gebouw, waarvan de

God hebben,

niet

niets

is

heilige apostel zegt, dat

afdoende

hij

dit in 1 Cor.

hemelen." Evenmin eindelijk in Jesaja

LXIII

kent ons niet:

XV

:

40

uit de bijvoeging, dat dit een

blijkt

:

we een woonstede

met handen gemaakt, maar eeuwig

doelt volstrekt niet op een „tijdelijk hulplichaam,"

der heerlijkheid, gelijk

mag

te

tijdelijk

dan een spel der verbeel-

v.v.

in de

hemelen,"

maar op het lichaam teekent. Iets wat reeds

gebouw

is,

„eeuwig in de

sterke nadruk gelegd op wat Israël

16 klaagt: „Want Abraham weet van ons niet en Israël

Gij,

o Heere, zijt onze Vader, onze Verlosser

vanouds af is

uw naam." Want al blijkt hieruit ongetwijfeld, dat Israël zelf niets merkte van iets dat Abraham of Jacob voor hen ter verlossing deed, toch is hiermee nog niet gezegd, dat daarom Abraham en Jacob van alle kennisse omtrent hetgeen met Israël voorviel, verstoken waren. Dit zou wel zoo E VOTO DOEDR.

II.

Jg

zijn,

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904

Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's

E voto Dordraceno - pagina 225

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904

Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's