E voto Dordraceno - pagina 545
toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Vierde deel.
ZOND. LI. HOOFDSTUK
met de trekken van Gods beeld
u
in
547
II.
vloekt, zoo ge
uw
haat of
vijand zijn
schuld houdt, en dat het daarentegen met de trekken van Gods beeld in liefhebt en
u overeenstemt, indien ge
En
dit
is
uw
schuldenaren van harte vergeeft.
nu zoo, wordt aldus hetgeen tegen Gods beeld vloekt en hetgeen
met Gods beeld overeenstemt, door den Heiligen Geest onderscheiden, dan
ken
maar van
niet uit zich zelf,
uw God
in
om
om
vergeven
te
ook
de schuld te houden, maar de zin
De
is.
we nu
eigen zielservaring, dat
van aan het houden der schuld lust hebben, en
aan
vergeven in plaats
zelf
beseffen dat het zoo beter en heiliger en
meer Gode welgevallig
is,
ons alzoo een onderwijzing van den Heiligen Geest, die ons zegt,
wordt
hoe ook in den Heere onzen God niet de toorn maar de dat
en
staat,
meer,
eigen ziel
zijn oorspronkelijk (origineel) heeft,
niet de zucht en lust
en het welbehagen
hart.
uw
in
volgt hieruit immers, dat, overmits het beeld zijn trek-
zin en lust
de
om
En dit nu zoo zijnde, geeft om ook voor ons zelven de
mers we kennen nade
Hem
dan
vooraan-
zijn
Goddelijk
deze zielservaring ons vrijmoedigheid te
vergeving onzes Gods in te roepen. Im-
een God, die lankmoedig en groot van ge-
als
en gaarne vergeeft.
is,
liefde
vergeven spreekt in
te
De
zin wordt
dan: „Gelijk
Gij, o
God, inde
omzetting mijner zielsgenegenheden IJ zelven aan mij ontdekt hebt, als een
God, die lust aan vergeven heeft, zoo vergeef ook mij, arme zondaar,
al
mijn schuld en mijne zonden tegenover U." Dit worde echter niet zoo verstaan, alsof wij eerst uit die zielservaring
den Heere onzen God
als
een verzoenend
omgekeerd
strekt niet het geval, en eer
God
mag
leerden kennen. Dit
God
als een
God
die
vol-
gezegd,dat we, zoo ons niets
ten dienste stond dan onze zielservaring, nooit en
van
is
nimmer tot de kennisse
gaarne vergeeft, zouden gekomen
Integendeel,
zijn.
naast die ééne zielservaring zou dan altoos de andere gestaan hebben, dat
Gods heiligheid ons
verschrikte, en niet
stille,
hebben. De zaak
verwarring in ons binnenste zou geheerscht
komt God
heel anders. Eerst
in zijn
zich voorwerpelijk aan ons als een
Woord
God
tot ons. Eerst
wrake
wordt
grond
van
ons
inwerking in
ons
kruis
dan ook
openbaart Hij
zijn liefde
van Golgotha in ons verzoend.
die verzoening gaat de eisch tot ons uit, dat, gelijk
.vergeeft, wij
wordt
in het
ligt
die gaarne vergeeft, nochtans wrake
doende over onze misdaden. Die tegenstelüng tusschen eerst
maar onrust en
heldere vrede,
en
En
zijn
op
God ons
dan ook vergeven zullen dien die tegen ons misdeed. Hierdoor hart
dan bewerkt. De stemming van onze
van dat Kruis en dat Woord om. Alzoo
voor liefde plaats, en eerst op die manier
ziel
eerst
gaat door de
maakt de haat
komen we
er toe,
om
in de waarheid en van harte onzen schuldenaren te vergeven. Die beker
der
liefde
smaakt dan goed en
zoet.
We
drinken er telkens met voller
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's