E voto Dordraceno - pagina 564
toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Tweede deel.
XXVI. HOOFDSTUK
ZOND.
564
Maar
eenigszins anders
IX.
het te oordeelen in het eerst onderstelde ge-
is
waarop deze vraag het meest wordt toegepast,
val,
kinderen, die heen gaan eer ze gedoopt
Wie
verleenen.
zal
er
w.
bij
jongstervende
maar van
niet
met eenvoudig
af,
alzoo spreekt ziet namelijk geheel voorbij, dat
de aansluiting aan de gemeenschap der heiligen op aarde iets anders de aansluiting aan de gemeenschap der heiligen in den hemel.
dan
dan ook, dat er Sacramenten
niets blijkt
dan kan
in geenerlei aanraking komt,
het natuurlijk, eer het
kiem
de
geloofs
of het zaad
is
zijn.
sterft,
er bij zulk een jong wicht
Is zulk een wicht uitverkoren,
wedergeboren
en
zijn,
in deze
des geloofs hebben ontvangen.
zulk een wicht niet bestemd,
bij
om
Maar
dit
zaad des
op te wassen op den akker
moet doen ontkiemen, ook nietnoodig. Zulk een
dan
overgebracht
aanstonds dat
van een
dan moet
wedergeboorte
geloof op aarde
geloofs,
feit
kerk, en dus heeft het den sacramenteelen dauw, die dat
zichtbare
der
reeds uit het
met deze zichtbare kerk op aarde
vroeg, dat het
Sacrament ook geen sprake
blijkt
Men kan zelfs zeggen, dat de Sacramenzijn, om de kerk zichtbaar te maken. Sterft
zijn.
ten door Christus verordend
nu een jong wicht zóó
Uit
uitsluitend te behooren
de bedeeling der zichtbare kerk op aarde. Dat
dat het zichtbare teekenen
is
den hemel bestaan. De Sacra-
in
menten maken integendeel geheel den indruk van tot
te
hun ook zonder den Doop wel de genade van den
zeggen, dat de Christus
Doop
men
kan
namelijk
deze
Bij
t.
zijn.
zij
in
de
in
wedergeboorte ontving,
dezen hemelschen akker op
ziel
wordt
de velden des hemels, en het zaad des
te schieten.
Nu
is
alsnu bestemd,
om
in
bestaat het onderscheid tusschen
de ontwikkeling van dit zaad des geloofs op den akker der ivereld en den akker des hemels hierin, dat het zich in den hemel aanstonds in den hooge-
vorm
ren
gelijk het
van
Sacrament
En men
is.
aanschouwen
zal
ontplooit, en dus
dus tot de conclusie moeten komen, dat de Middelaar aan
jong wicht in
sterven wel een bijzondere genade verricht,
zulk
een
maar
niet
strijd
in dit aardsche en zichtbare leven,
om
het
De
aan geen geloofssterking,
verleent, behoefte heeft; ja, er zelfs niet vatbaar voor
zijn
de Doopsgenade. Niet de Doopsgenade, omdat die doelt op den
zaad
maar wel een hemelsche genade,
des geloofs aanstonds in aanschouwing te doen overgaan.
bediening van den heiligen Doop kan natuurlijk alleen van Christus
uitgaan, door zijn kerk. Elk Sacrament lijke handeling.
Niemand, hoe hoog
hij
is
in den hoogsten zin een kerke-
ook
sta,
kan derhalve buiten de
kerk om, op eigen autoriteit, een Sacrament bedienen.
De
kerk richt het
Sacrament aan in gehoorzaamheid aan het bevel van Christus, en daarvoor wordt vereischt, dat de raad der kerke het bestelle, en dat het uit-
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's