Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

E voto Dordraceno - pagina 113

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

E voto Dordraceno - pagina 113

toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Eerste deel.

2 minuten leestijd

ZOND. VI, HOOFDSTUK IL

moet

gedachte

chismus

„zoo

uit,

spreekt de Cate-

God

dat het ons alles van

God de wereld gehad,

heeft

lief

En daarom

den weg.

al uit

met zooveel nadruk

Het

geschonken.

is

en

geheel

thans

het

107

dat Hij zijn

eengeboren Zoon gegeven heeft" moet grondgedachte in heel onze belijdenis

van het heilswerk

„Van God

blijven.

den toon blijven aangeven van het

En waar nu

Catechismus

de

!"

en niets van onze zijde

alles

moet

van onzen jubel.

lied

aan de wetten van het genaderijk

zelf

zoo klaar en duidelijk de gestalte van den Middelaar had uitgemeten, en

denken, zich op die kennisse allicht verheffen kon door

menscbelijk

ons

wanen, dat hiermee reeds half de Middelaar gevonden was, moest het

te

thans

met

ernstiger en

te

meer klem uitgesproken, dat ge met

te

uwe wetenschap nog geen

stroospier vordert,

door den Middelaar hebt, u van

„Middelaar"

mus

hier

God

is

terecht den Christus inleidt.

deze plaats en

Men bedenke

op

een uiteenzetting der Verlossingsleer. Die wordt pas

wording uitvoerig Hier

Alle

uw

Wat

Thans

gezichtspunt

met wien

godsdienst,

omdat

juist

dringen,

bij

alle

dit

nu

de

zelf

als

is

:

verloren zondaar, die

hij

doen

zien.

nog slechts bezig te

stellen.

Maar thans

om u

is

hij

de zaak uit

Aan den éénen kant den

ge te doen hebt, en daartegenover

gij

neder-

godsvrucht, aUe godzaligheid, het doelt alles op

den Heere Heere en

Catechismus,

hij

is

;

zonder

blijft,

is

zijn

menschenkind hangt.

voorshands

dieper

Middelaar de van

in te

zelf aan-

den Christus hier voortbrengt. juist aan, dat er

een zake tusschen

dat deze twee gescheiden liggen

;

Middelaar tusschen die beiden inkomt. Een „Middelaar"

Middelaar

(in

is

voor

van „Middelaar" duidt

twee personen hangende hij

nog

in die zake in zal blijken te zitten, zal

alomvattende staan

gewezen naam, waarmee

De naam

de Geloofsde Vleesch-

zonde en ellende.

die ééne zake, die tusschen

En

bij

om

in al dat bijzondere

God en den

later in bijzonderheden

niet toe.

God,

liggende in

mag

deze Vraag

de zake tusschen

is

u

algemeen

levenden

bij

te worden.

staat

nog

daaraan haar

nog geen oorzaak

en moet juist het algemeene gezichtspunt streng worden

Catechismus

de

hier

is

bespreken; want die komt aan de orde in Vraag 35.

te

gehandhaafd. Het

ontvouwd

ook

deze plaats en

op

afgedaald,

niet

bij

En

toch wel, dat

deze vraag nog geen de minste sprake komt

van

behandeld.

in of

waarmee de Catechis-

hier

artikelen

wat ge

al

geschonken.

de nog gansch algemeene naam,

is

zeer

want dat

deze

al

en dat nu is

niet een

van éénen, maar van twee, zegt ons de brief aan de Galaten

20), en in

den brief aan Timotheus

maar één Middelaar Gods en

schrijft

der menschen, de

ons dezelfde apostel: „Er

mensch Christus Jezus."

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904

Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's

E voto Dordraceno - pagina 113

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904

Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's