Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

E voto Dordraceno - pagina 393

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

E voto Dordraceno - pagina 393

toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Vierde deel.

2 minuten leestijd

XLV. HOOFDSTUK X.

ZOND.

op zekere hoogte eenige analogie. Onze Vader

goden aanroept

uw naam worde

zult; uit

Gods naam

men

zeggen, dat hier zekere analogie

is

met den

het vierde gebod over den Sabbat

men

met Gods konink-

of ook het vijfde gebod over het eeren der ouders met het „uw wil

rijk,

En

geschiede" in rapport poogt te brengen.

om

bede

met het gebod: „Gij

om

de

om

zijn,

schuld ver-

op één

lijn

het: „Gij zult niet stelen;" het „Leid ons niet in verzoeking"

met

zet

dooden;" de bede

zult niet

het

is

het leven te onderhouden,

de meeste zonden zonden van oneerlijkheid

wijl

giffenis,

even gewrongen

om

het dagelijksch brood, die strekt

vergelijkt

in

niet onder beeldvorm eeren

in haar eerste drie geboden. Maar onwaar en gekunsteld

aanvang der Wet wordt men, zoo

ge geen andere

sluit in, dat

geheiligd sluit het ijdellijk gebruik van

en in zooverre kan

;

uw God

in de hemelen, dat ge

;

395

verband brengt met het: „Gij zult niet echtbreken;" de lastering van

naam

iemands

begeeren van ons hart. Zoo

aan zulke kunstjes

van

is

alles alles te

maken en Gods

Eer integendeel, indien ge alzoo

niets.

„Verlos ons

:

ingaan tegen het valsch

eindelijk de doxologie laat

den Booze;" en

van

zonde slaan laat op de bede

als duivelsche

bij

volk heeft

elke bede aan

één bepaald gebod gingt denken, zoudt ge den zin en de beteekenis van

uw gebed

Vader, en daarmee

Onze

het

behoeft ge niet enkel van de zonde van

De

den.

verleiding loert op onzen

maar

lust,

niet enkel in

En Satan

in allerlei vorm.

volstrekt niet alleen

weg

waar ons

geheel vervalschen. oneerlijkheid,

Vergiffenis

maar van

alle zou-

den vorm van wel-

begint ons te ziften als de tarwe,

nijd op onzen naaste bezielt,

maar op

allerlei

paden en wegen.

Meer

daarom

er

is

Vader,

zeggen voor het gevoelen van hen, die het Onze

te

duiden,

trinitarisch

d.

w.

z.

die er zekeren regel in vinden, die

beantwoordt aan de belijdenis van Vader, Zoon en Heiligen Geest. Daartoe zij

opgemerkt,

eerst

drie

zake

des

dat

beden

beden

er zes

voor

menschen.

de

zake

En nu

is

eerste drietal de eerste bede zich

tweede dat

evenzoo

in

het

tweede

bestuur,

en

het

niet

meer

drietal,

de

tweede

het Verlossingswerk^ en de derde

op de heiligmaking en

daarna

Gods,

drie beden voor de

ontkennen,

te

dat

het

in

richt op de sfeer des Vaders, de

die des Zoons, en de derde op die des Heiligen Geestes.

op

Gods voorzienig

wezig,

die in twee reeksen uiteenloopen

zijn,

kon

De

ziet.

zelfs niet

om

de

om

bede

om

het

brood meer op

vergeving van zonde meer op

niet te vallen in verzoeking,

trinitarische grondtrek is

ontbreken, omdat

En

bij

meer

dus metterdaad aan-

het verschijnen van Gods

volk voor den Drieëenige, de verhouding van den bidder tot zijn God, zich

wel moet schikken naar volk

dit

gebed

op

de

zijn

Drievuldig bestaan.

En

Jezus, die aan zijn

lippen legde, kon, krachtens de hoogste aandrift

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904

Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's

E voto Dordraceno - pagina 393

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904

Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's