E voto Dordraceno - pagina 61
toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Tweede deel.
ZOND. XIX. HOOFDSTUK V.
u
in
en
maar dan werkt ook dat
vertroost u,
61
geloof in u op hetzelfde
oogenblik den drang der gehoorzaamheid, der liefde en der trouw.
Dan
binnenste: „Waak, bid en strijd", en ge vraagt
meer, waartoe dat strijden dienen
niet
wel
uw
weerklinkt het in
zou
omdat
afioopen
gebedsdrang
de
werpen in dien
u gewerkt wordt; ge
in
niet
strijd
bezorgd
voor zijn leven.
als
is
ge bidt,
;
omdat ge het u
strijdt,
kunt laten.
op wereldsch terrein
Zelfs
of het zonder strijd ook niet
zal,
maar ge waakt, omdat waken u geboden
;
men
ziet
En
Voor
dit.
niets
de mensch zoo
is
toch als in den oorlog de troepen te velde
trekken en de veldheer bindt den slag met den vijand aan, dan komt er
man na man uithouden,
aanloopen, die niet thuis kon blijven, die het thuis niet kon
maar meestrijden
soldaat van verre
hoe de veldheer met
ziet,
dan ontwaakt in
is,
En
wil en moet.
hem
op het slagveld zelfde
als
zijn leger slaags
met den
zulk een dapper enthousiasme, dat
hunkert naar het oogenblik waarop ook
hij
vijand
hij letterlijk
kunnen
zich in den strijd zal
mengen.
En
die
die geestelijke dapperheid is het, die ook in onzen
geestdrift,
geestelijken strijd als een kracht in ons
opwaakt en van geen overleggen,
van geen bangheid, van geen uitrekening of het wel noodig Zoodra deze kracht des hemels in uw borst zich der
lijdelijkheid op.
strijden liet en niet
aandoen
om
kunnen,
die
u het
om
Laf zoudt ge
met hem
van verre
te
u van den zijn gebood.
stille
houdt
streedt.
hij
En
slechts één
u nog,
gelijk
bij
maar
stille
strijd
aflaten.
dien
dwang
prikkelt strijd
om
niet oplegt,
zelf
de Schelfzee,
te blijven, dan, ja
maar integendeel u gebied om
Maar nu
uit te
hij
u
komen, u
het zwaard des Geestes aan te gorden, en u oproept
des Heeren te strijden,
er zijn
uw Middelaar
aan Israël
te trekken,
zwaard des Geestes
veldheer
macht zou
zoudt ge uit geloofsgehoorzaamheid van den
niet het
redeneeren
uw
Geweld zoudt ge u zelven moeten
afhield, indien namelijk
Gebood
alle
in eigen oog zijn, zoo ge
blijven staan.
strijd
roert,
zijn zou, weet.
om
den
nu wordt de drang van de trouw, nu wordt
de heilige geestdrift, nu wordt de geestelijke dapperheid in u een macht,
waaraan ge geen weerstand kunt bieden, en ge mengt u
in
den
strijd eer
ge het weet.
Zoo hangen dan storten in
bewaart tegen
Ook voor voer op
die beide, die de
u van de
uw
Catechismus hier opsomt, èn het
geestelijke gave, èn
dat
hij
doodvijanden, inniglijk saam.
dien strijd toch dalen alle krachten uit
met gaven
u onderscheidenlijk
uit-
u behoudt en beschut en
tot der toe,
menschen
troost,
hem
in
u neder. Hij
en van die gaven bedeelt
naar de nood en de stand uwer
ziel is.
hij
Komt het
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's