E voto Dordraceno - pagina 190
toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Vierde deel.
ZOND. XLII. HOOFDSTUK
192
Zeg
verdwijnen.
zelf,
zweemt zulk zeggen
woord
om
beroept,
God
deel van zijn
mee
zijn hart
niet naar Godslastering,
naam? Dat een arme
beleediging voor Jezus' heiligen
geen
zich te troosten, het
Ge bezondigt
maar
zoo,
zij
ontving, zich toch wachten,
te vergoelijken.
I.
er
om uw
het
is
zich op dat
laat wie een rijk
er ooit de hardheid
van
mee.
zielen
Niets valt dan ook lichter, dan aan te toonen, dat in Jezus' woorden niet
volstrekt
ligt,
wat men er
uit afleidt. Als
Jezus gezegd had
„Tot
:
aan het einde toe zulleu er altoos zelfmoordenaars zijn," zou het iemand
dan in den
zin
komen,
aangewend,
om
aan den zelfmoord een einde
meer, of
schil zijn
hieruit af te leiden, dat er te
dan geen poging mocht
maken ?
Is er
dan geen ver-
kennende den aard des menschen, en wetende wat
ik,
zondigen aard aldoor zal voortvloeien,
bij
wijze van profetie zeg,
uit
wat
voortdurend de toestand zijn zal, of wel dat ik een regel bepaal, een ordinantie uitvaardig, en zeg hoe het zijn moet. Welnu, datzelfde onderscheid
Men
geldt hier.
vat die woorden van Jezus op, als had Jezus daarin een
regel gesteld, hoe het tot aan den jongsten er
dag zijn moest, zoodat
geen armen meer waren, er toe zoudt moeten overgaan,
maken.
En
wat Jezus
toch,
Kenner van
zei
was niets dan een
menschenhart,
het
die,
profetie.
met u.
Ware
het anders bedoeld, dan zouden
bezitters willen aanraden,
nu arm
zijn
arme op
dan eens
zich
te
zoo
goed
rijk
te
het eens
is,
land beroept.
het jaar
om
:
De armen
uw
het niet, en daarom
naam
is
hebt
we de gelukkige te ruilen,
door wie rol
van
opvatting op volledige
u onderstelde ordinantie van Jezus voldaan
men
te
Het was de
maken, en zelf eens een jaar lang de
on-Christelijk, en voor Jezus
man
bij
nemen. Ook dan toch zou naar
wijze aan de door
Zoo echter wil
om
om armen
wetende wat gevolgen de zonde na
zich zou blijven sleepen tot den einde toe, aan Judas zegt gij altijd
ge, als
zijn.
het zoo wreed, zoo harteloos,
beleedigend, als wie zelf een ge-
zich in zijn onbarmhartigheid op dit woord van onzen Hei-
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's