E voto Dordraceno - pagina 254
toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Eerste deel.
ZOND. X. HOOFDSTUK VI.
248
om u
toeleg
helpen. Integendeel, vinnig valt het op u aan, wondt u,
te
beschouwt u
en
als vijand,
om
er alleen op uit,
is
zichzelf dik te zuigen.
om
bezigt men, na vergiftige beten, jonge honden
Soms
zuigen;
waaraan deze beesten dan sterven.
iets,
uw
redding, al gaat het beest daar ook
bij
dit beest
alleen voor eigen lust.
zuigt
En
aan dood. Maar intusschen
om u
geen zweem van toeleg
die plek uit te
nu bedoelt hiermee
Gij
er
te helpen, integendeel, dat dier
men nog met
deze voorbeelden nu, die
vele vermeerderen kon, toonen immers, dat er reeds tusschen een
mensch
en een dier zulk een verhouding kan bestaan, dat het de mensch
is,
die
en eigenlijk het dier werken laat en werken doet, en dat toch de
strikt
dan het dier bedoelt.
daarbij iets heel anders op het oog heeft,
mensch
Dan
is
mensch
doet de
met het
iets
mensch te denken, en
beiden
bij
dier,
en het dier doet
iets,
zonder aan dien
een eigen daad. Alleen met dit verschil,
is
dat de mensch zijn wil doorzet, het dier slechts instrument
Dit nu brengen we over op
God en den mensch. God
is
in zijn hand.
wil iets.
God
heeft
een bedoeling, een plan, een toeleg, een raad des welbehagens, en in dat
plan komt nu ook voor het gebruik van den mensch. God laat dus dien
mensch
niet op zich zelf werken,
den mensch,
om
toe te laten
iets
en in nog veel strenger
juist evenzoo,
zuiger of dien jongen hond, er expresselijk voor
Maar
God de Heere nu op
terwijl
hebt
aanwendt,
en
een
gij
die wijs
u
;
neen.
zin,
God gebruikt
als gij
den bloed-
neemt en
er voor aanlegt.
mensch
bezigt, gebruikt
als
leven, een eigen bestaan, en in dat
eigen
bestaan eigen plannen, eigen overleggingen, eigen bedoelingen. Naar deze
en bedoelingen handelt ge; in verreweg de meeste gevallen
uw plannen uw
om uw
toeleg
niets
boos
bloed kwijt te raken. Feitelijk gebeurt er dus
Stond nu
mensch,
af.
dit eigen
leven van den mensch in zijn eigen hand dan zou
dus ook geen zonde
verborgen
En
alle
zijn;
God
Eaad van
altoos door.
want nooit of nimmer kan de mensch den weerstaan. Die raad, die verborgen wil gaat
denkbeeld, alsof we ooit uit den weg van Gods ver-
borgen wil zouden kunnen loopen, er ooit gewisser
wil
als
ook zoo bedoeldet, of het heel anders bedoeldet, -doet aan de eind-
uitkomst niets
er
bedoelen, als de bloedzuiger vraagt naar
dan wat God besloten heeft dat gebeuren zou, en of ge
nu
dit
Gods
aan
denkende
evenmin
dan
't
is
pure dwaasheid. „Geen ding geschiedt
hoog bevel van
kan eenvoudig nooit weerstaan
's
Heeren mond". Gods verborgen
of verkozen. Die geschiedt zonder één
enkele uitzondering altoos.
Maar wat mensch
hebt,
is
nu het geval? Van dat en
waarvan
God
de
innerlijk eigen leven, dat gij
Heere gebruik maakt,
om
als
het als
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's