E voto Dordraceno - pagina 525
toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Tweede deel.
;
XXVI. HOOFDSTUK
ZOND.
De
zelve eischt een doopen
instelling
Zoons en des Heiligen Geestes." Tot
geschreven.
Heeren
Niet alsof hier een formule ware voor-
Doop
zijn
deze woorden des
Doop de strekking moest hebben om den doopeling
dat deze
levensverband
vast
des Vaders, des
eerst door kerkelijke autoriteit geijkt. Slechts hield deze bijvoeging
1".
in:
Naam
„in den
voor den heiligen
formule
525
IV.
brengen met den Drieëenigen God, en alzoo met
te
hoogste, rijkste en volste zelfopenbaring die het Eeuwige
de
van
menschenkinderen
aan
geven
Drieëenige,
van
w.
d.
Wezen
Eeuwige
het
Heere alzoo
door den
z.
naam moesten
dien
Toortaan
gedoopt
hun
geheel
Gelijk
letterlijk
we thans nog
in den
van de zonde,
uitdrukkelijk in deze woorden
Immers,
wordt
deze scheidsmuur
duiden, dat van
te
alleen zijn kracht ontleenen moest.
Naam
in dien
doen ondergaan."
van den Doop onafscheidelijk is
uitgesproken,
maar
er toch
is,
Eeuwige Wezen
Nu
te naderen.
van Vader, Zoon en Heiligen Geest, ;
dat de verzoening
is te
hij
gedoopt
blijkt
dus dat
weeg gebracht
God
is.
Eindelijk dient
nog
ling van den heiligen
ik
met
ben
Wordt
ulieden
hierdoor
gelet op de woorden, die rechtstreeks op de instel-
Doop
volgen. Jezus voegde er toch
de dagen
alle
tof
duurzame en blijvende
uit.
Deze woorden toonen
in.'^telling
door Jezus
toch, dat dit
Doop was
was alleen daaraan
te
„
En
ziet,
icereld."
daad zou laten invloeien.
niet
iets
dat buiten
Doop
zijn
ingezet, er blijkt alle
meer
de volken in het
den hemel doen zou. Immers
aan den Middelaar
alle
uitwerking niet zou missen,
hun kring tegenwoordig
zijn
Integendeel, de
:
danken, dat Christus, hoewel voor het oog van hen
gescheiden, toch feitelijk in
is,
uit
alleen mogelijk doordien
macht was gegeven; en dat deze Doop
is
doopen van
verband stond met hetgeen Christus
der apostelen
bij
aan de voleinding der
ons beweren versterkt, dat de heilige Doop wel terdege
als
striktst
wel
terdege
en dat het levensverband tusschen den zondaar en den Drieëenigen hersteld
tot
nu
uiteengezet, beteekenen deze woorden
die
weggenomen
is
aan
zonde lag tusschen den zondaar en den Drieëenige,
tot dat
Naam
den
in
juist de
hem om
om
Naam, en
afwassching
belette
belijdenis
nemen, en God den
te
slechts opmerken, dat de idee der verzoening en
der
en
Hem
is
niet
inligt.
van den
en hun leven gericht moest zijn op de
door ons
Onderdompelen
,
:
Waarbij
hun lippen
worden,
existentie
breeder
elders
ooit
dat ze in, of gelijk er letterlijk staat,
3.
van dien Drieëenige, en aan
glorie
Naam
Doop geroepen worden, om deze
zelven op
noemen; en
te
Wezen
eigen verborgen aanzijn gegeven had of
zijn
dat ze gedoopt moesten worden in den
2".
zou;
in
hem
bleef,
en in hun daad
Jezus zelf wijst er dus op, dat de Doop
hem om tot stand komt. hem gegeven macht, en erlangt
omgaat, of buiten
vloeit voort uit de
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's