E voto Dordraceno - pagina 325
toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Vierde deel.
XLV. HOOFDSTUK
ZOND.
327
I.
en Geloove in actie treden door het Gebed. Het Gebod het Eeuwige Wezen, die uit
en
klein
en
stil,
Hem
Gebod werpt u
van uw
als
niet
die
van zichzelve
religieus,
maar onvroom heilig
en goed
maar rampzalig;
niet zalig,
is,
Vandaar dat
terug.
op ieder mensch, die zondaar
meer maakt een Wet,
inwerkt. Zonder is,
den zondaar niet goed, maar slecht
maar
niet rijk,
het Geloove die pijn der ellende
met
stilt,
ellendig.
Wet
die
En
al is
het nu dat
verzoent, en die
getemperden glans weer bekoring voor ons doet
haar
door
uw God
zondaar veeleer van
is
met het Eeuwige Wezen, en
ziel
het Gebod, dat toch eigenlijk het hoogste is,
de wilsuiting van
zondaren roerloos en machteloos onder. Religie
als
altoos innige liefdesgemeenschap
het
is
en over ons komt. Daar worden we
tot
Wet
krijgen, toch
brengt het Geloove op zichzelf niet verder dan tot benijden, d.
i.
tot een
dat al deze rijkdom van genade in Gods belofte inligt; inligt
erkentenis
ook voor mij.
Ook met van
Geloove treedt dus de religie nog niet in werking. Vrucht
het
het Geloove
is
de rechtvaardigmaking. Alzoo een anders staan voor
God. Een voor eeuwig toegedekt zondigen
zijn
Een verzoend
oorsprong.
van den
van het schuldig verleden voor
God
waar de
verschijnen, ook
inwonende zonde nog woelt en kwelt. Een inzien in de eeuwige toekomst
met
hope,
vaste
heiligen vrede, kinderlijk in het toeverzicht op zijn
in
God.
Zoo staat ge daar dan. Maar voor de niet dat ge roerloos zoo staan
een
En
dat hetgeen alzoo
leven,
lijdelijk
het
rad
uws levens
Gods in
er
tot een werkelijkheid
uw
nu op aan,
alzoo voor
uw God
maakt. Dat
hart geboren worde.
als geestelijke realiteit
niet genoeg, dat ge als een der raderen
is
geestelijke raderwerk voor
ook
nu
door u aanvaard werd en beleden, nu ook
u verinwendigd worde en
gesmaakt. Het
ge,
een saamleven met dien God in
er
in
komt het
religie
maar dat
gemeenschap met dien God
staande, de
actief
blijft,
glorie zijt ingevoegd,
door u worde
aan het groote
maar het
is
eisch, dat
de machtige, goddelijke beweging van het
Koninkrijk des Heeren worde opgenomen. Het moet niet buiten u blijven liggen, als schoon voor
uw
eigen
ziel
trekken.
hart.
uw aanschouwing, maar ook
De adem
Wat
het
is,
tintelen en trillen in
des Heeren moet levenwekkend door
uw
eigen
dat de Heilige Geest in het hart van Gods kin-
deren inwoont, moet ten leste met klare, heldere bewustheid door uzelven
worden verstaan. als hij
En
derde stuk der religie het Gebed bidden, die gelooft,
bied voor het Gebod.
ren
uit dien hoofde
zin
den
en zóó
Wat
nu komt bij.
gelooft,
bij
het Gebod en het Geloove
In hoogeren zin kan toch alleen
dat zijn geloove wortelt in den eer-
anderen doen
als ze
bidden, heeft wel in zeke-
vorm van het gebed, maar het mist toch
het volle wezen
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's