E voto Dordraceno - pagina 186
toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Vierde deel.
ZOND. XLII. HOOFDSTUK
188
I.
Het achtste Gebod op
zult niet stelen, zijn volle kracht behouden.
zichzelf laat
Het
zich dus over de verdeeling van het goed der aarde als zoodanig niet uit.
dientengevolge
laat
met
wilde
inrichten,
maar
alle
gemeente
gemeen hadden,
hun eigen anderen
maar
we
wenschen zich
meeste
gelijk
de
lijken
strijd
geval.
De
niet
het
dat
En wat
te
den
omdat velen
met de sociaal-democratie
strijd
te beroepen, alsof
uit
aangaat
moet
blijven.
Woord is,
's
zal
een maatschappij,
dit
nu
is
niet het
worden afgeschaft, maar
Men
menschen kleeding,
hun
het ook
is
Gods
komt de zaak achtste
eigendom
cille
b.v.
hetgeen nu persoonlijk bezit
met het
in
Gebod zou geraken. En
achtste
voor,
eigendom
redeneeringen
genomen,
gereedschap aan
eigen
dat dit enkel slaat op het
in,
duidelijk uit te spreken,
Gebod
huisraad, handgereedschap, enz. soonlijk
dat ze
grooter deel van den persoonlijken eigendom zal worden
gedaan.
niet
te
staat,
opvatten, alsof ze ook
meeste sociaal-democraten van wetenschappelijken aanleg toch
dat
alleen
van de eerste
b.v.
sociaal-democraten zich die voorstellen, in onvermij de-
met het
zich
stellen
het zijne kon noemen,
aan anderen verhuurde huizen. Dit nu
of
om
dit
hun
huisraad,
daarom zoo kras en
zich aanstonds op het achtste
hij
niemand
ge terstond
ziet
aan gewend hebben,
er
dat
Jeruzalem geschreven
te
hun eigen
kleeding,
afstonden,
als
gemeen was. Als
zal wel
van geldsommen, van land
bezit
had,
iets
niets uitgezonderd,
Nieuwen Verbonds
des
dingen
alle
gebod intreden,
dit
niemand
dat
goed,
En eerst dan zou er rechtmen de maatschappij zóó
bezitstoestanden toe.
allerlei
streeks een botsing
stelsel,
sieraden,
dat dit alles per-
met
vooral tegenwoordig
zij
uiterst voorzichtig.
men
Als
zijn
roept, dat
den eigenaar eenvoudig moet worden
natuurlijk heel anders te staan;
Gebod voor oogen, en wel op grond van
maar
dit
als
af-
men
gebod, meent
kunnen beweren, dat een maatschappij met zeer uitgestrekt communaal
God verboden
bezit door delijker
het
in
is,
men zich geheel. Iets wat nog te duimen bedenkt dat dit gebod gegeven is
vergist
oog springt, zoo
aan Israël in de woestijn, toen er natuurlijk van landbezit nog geen sprake was; toen er geen handel kon gedreven worden; en toen de persoonlijke
eigendom
bijna uitsluitend bestond uit de kleeding, die
meevoerde,
en
voorts
in
men
aan had of
eenig huisraad, eenig vee, enkele sieradiën, en
wat handgereedschap.
Een tweede misverstand, dat we volgtrekking die
waar
in
wie
uit
den weg willen ruimen,
heeft afgeleid uit wat
we
een van Jezus' gelijkenissen sprake
die arbeiders
aan
men
huurde
in zijn wijngaard,
en
is
bij
kort en aan wie lang gearbeid had.
lezen in Matth.
is
de ge-
XX:
15,
van een heer des huizes, de afbetaling evenveel gaf
Toen nu wie langer gear-
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's