E voto Dordraceno - pagina 441
toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Tweede deel.
XXV. HOOFDSTUK
ZOND.
een zegelteeken
ware
als
doen hebben,
te
441
VII.
reeds daardoor de onheilige voorstelling,
is
Sacrament slechts een ceremonieele plechtigheid voorgoed
het
afgesneden.
Het veelvuldig gebruik van het woord „zegel" moet verklaard waarin aan
de
een
uit
de veelvuldige aanwending van het zegel in de dagen,
men
des Bijbels te boek zijn gesteld. Thans hecht
schriften
zegel
in de Heilige Schriftuur
omdat
weinig,
de veranderde levensomstandigheden,
bij
vooral tengevolge van de uitvinding van de boekdrukkunst en de snellere
communicatie, ondenkbaar,
van
het
zegel
minder
er
iemand
dat
Koning was uitgegaan,
den
Thans
afdoet.
toe
valsch stuk, waarvan
een
het eigenlijk
is
voorgaf, dat het
hij
in de wereld zou brengen.
Immers
elk
bedrog van dien aard zou op staanden voet worden ontdekt. Maar oudtijds
was
akten,
spoedig
om
waarborg
zocht
den
men
het
naar
destijds
van
toen
kwam
zulk
vooral
koninklijk zegel
in
na
het
waarborgen, en dien
te
Eer men
zegel.
bootsen, bedacht
te
worden
moest
middelen
alle
een stuk
van
lang niet zoo
er toch toe
men
zich wel
koning
was
tijden derhalve een stuk
die
in
van uitnemende
en vandaar dat, de man, die dat zegel van den Koning of van
waardij,
het
dat
echtheid
nabootsing
stukken,
officieele
zeer wel denkbaar, en
toen
overmits op niets bijna zoo zware straf was gesteld. Het zegel
tienmaal,
van
de
om
overging
was
Vandaar
uit.
omgezien,
van
Vervalsching
anders.
dat
koninklijke
bewaren
rijk
posten in het
men
Denkt
Vn
Openb.
rijk
:
moest,
grootzegelbewaarder een der gewichtigste
als
bekleedde.
goed
dit
dan
in,
zal
men
ook
hegrijpen,
God
2 kan gezegd worden, dat ook
als
hoe
er
in
Koning zulk een
zegel heeft.
Daar toch lezen we: „En opgang der
ik
zag een anderen engel opkomen van den
zon, hebbende het zegel des levenden
Gods. Deze engel wordt
daar voorgesteld als de „grootzegelbewaarder" in het koninkrijk Gods.
nu
lezen
zesderlei
Zie
1.
Dat met
in Joh.
slechts
vergaat,
des
:
we omtrent het gebruik van dat dit zegel
VI
maar om de
spijze,
menschen ulieden geven
Een wordt
tekst
waarvan
er
voorgesteld
ontmoetende,
die
de
zin
als
hem
;
want dezen
niet
naar
spijze aanbieden.
deswege
biedt, behoort
niet
aan
niet
om
de spijze die
eeuwige leven, welke de Zoon
heeft
God
twijfelachtig
zoekende
worden tusschen deze aanbieders van de ge
„Werkt
die blijft in het
zal
Gods"
de Christus als Messias verzegeld was.
27, waar staat:
:
„zegel des levenden
En
spijs,
is.
en
de Vader verzegeld."
Immers de zondaar als allerlei
personen
Er moet dus een keuze gedaan spijze.
En nu
zegt Christus, dat
de spijze van die anderen, maar de spijs die Jezus u te
nemen, omdat
hij,
bij
dat aanbieden, voor u treedt,
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's