E voto Dordraceno - pagina 405
toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Eerste deel.
XV. HOOFDSTUK
ZOND.
Dat zaad des doods ons
gelegd.
geslacht
steryen", d.
dan ook
Heere
heeft de
had
Hij
399
III.
in het Paradijs in
„Zoo
gezegd:
den dood
zult gij
eet,
gij
den wortel van
den dood in u krijgen, en terstond na den val kreeg de niensch
i.
den dood in
en sinds
zich,
is
nog nooit
er
uit
man
en vrouw
een kind geboren, dan met dat saad des doods in zich. In allen mensch
om u
heen,
evenals in u zelven, dat zaad des doods
zit,
gestadig sterven
zooals het Doopsformulier zegt.
;
Van
in.
Uw leven is een
de wieg tot het graf,
groeit de dood in ons, tot hij ons ten leste overschaduwt. Bij ons is dit lijden
overkomt
En
ons.
onderscheid
dus natuurnoodwendigheid. Of we willen of
het
aanbrengt,
Maar
zijn
ontvangenis.
toorn
En
zijn.
Gods
Na
nu het
lijden Christi niet. Bij
hem was
de kribbe. Tot aan het kruis.
is
anders gewild, het zou anders
door dien wil
onze natuur, en komt op
hem
de
komt op hem het lijden in vollen omvang,
vloeit.
er ook hier een proces.
gaat niet op eens in den dood. Eerst leeft
Al die jaren lang
komt.
Had hij komt op hem
die op die natuur rust, en
De Middelaar
hem
worden.
wil hij anders.
dat uit dien toorn Gods
Toch
het
en willig. Louter ontferming. Enkel goddelijk mededoogen. Vóór
Geen oogenblik geweest
niet,
deze noodwendigheid verschil en
zal gekrenkt
zulk een noodwendigheid was
alles vrij
in
het voorzienig bestel onzes Gods, zonder wiens
is
geen haar van ons hoofd
wil
wat
eenige
En
is
er inhouding
van den toorn Gods,
hij drie
en dertig jaar.
die slechts
met mate op
eerst tegen het einde zijns levens wordt deze toorn een zeer
grooten toorn, een ontzaglijke verbolgenheid, toen de Heere al onze ongerechtigheid op
En
aanloopen.
toen klom het lijden.
in heftigheid
wierd
hem deed
;
;
Klom
het van oogenblik tot oogenblik. Winnende
ingaande in onpeilbare diepte
;
een uitbreken van den eeuwigen dood
verslinden
kon,
omdat
hij
tot het nederdaling ter helle ;
maar van een dood
dien hij
de Zoon was, waar wij eeuwiglijk onder dien
doodenden toom hadden moeten bezwijken.
DERDE HOOFDSTUK. Gy
legt mij in het stof de doods.
Ps. 22
:
16.C
Zoo leed de Middelaar dan, niet slechts op het kruis maar den ganschen ;
tijd zijns
levens op aarde. Dit zijn lijden vloeide niet voort uit zijn innerlijk
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's