Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

E voto Dordraceno - pagina 449

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

E voto Dordraceno - pagina 449

toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Vierde deel.

2 minuten leestijd

XL VIL

ZOND.

God zouden ken

men

zeggen hebben, acht

te

451

Dan

ongerijmd.

Gods wer-

zijn

men wandelt er wel door henen, maar ze hebben geen De natuur, al het leven is stom geworden, en alleen wil men de heerlijkheid zijns Gods kennen. Daar leest men

en

we],

er

HOOFDSTUK IL

sprake voor het hart. uit zijn Bijbel

dan wel

„Heft uwe oogen omhoog en

:

name

heeft, die ze bij

Hij

geen spraak of oord

vanwege de grootheid

roept,

vermogen

van

sterk

wie al deze dingen geschapen

ziet

Ook

is."

men

leest

zijner kracht, en

XIX

wel in Psalm

omdat dat er

waar der hemelen stem niet gehoord wordt. Maar

is,

de zon, die aan den hemel staat, brengt geen sprake meer van Gods

zelfs

Het

majesteit aan het hart.

mystiek, het

al

is

verborgen geworden

al

is

en dat de heerlijkheid des Heeren over de gansche aarde, op de bergen, de

in

in de afgronden,

zeeën,

aannemen, maar men

wil het wel

En

nu

dit

en aan het firmament daarboven

is

een zeer gebrekkige toestand der

sohoone Confessie zegt: „God heeft te dienen, is

alle

flonkert zonder het zelf te weten, de

wie

haar

zingt

is

Dan

mensch

krijgt

werken

Als

hij.

Er

schieten.

te

zijn

steeds

gedrongen,

hoede

te

zijn.

is

merken

recht voor

God

staat,

En

God

zijn

om

en van

is

prijzen.

te

toezien, dat

we

hierin niet te

Schepping een gevaar, omdat, zoodra

Hem

afleidt.

Men kan

dit leven in

der

Gods wer-

Dit nu heeft de Calvinisten

kwijt raken.

tegen wereldzin en wereldgelijkvormigheid op hun

dit

met onze

En daarom om Hem ook

niet verheeld worden, in het zich over-

zijn

was

recht.

uit vreeze voor verleiding,

rechtstreeks

Het

ziel

werken en het leven der menschen toekomt,

ken zich verzinken en

om

te

De

Gods werken aanschouwen

hij

mogen wel

mag

dat

ligt,

wereld zoo vaak onheilig

toe,

dragen.

te

het niet doet, doet niets en niemand

roemen en

Calvinisten,

wij.

hij

zoodra de

ziele,

geven aan de werken Gods in

aan

De mensch

de geroepen priester, die

de Heere zijn lof van zijn werken niet.

te heiligen,

Met name

ge

den mensch

dienen."

bloem geurt zonder

zóó geschapen, dat

is

God

het drang der

kort

onze

morgenlied, zonder te weten voor wiens eere zijn lied opgaat.

de

in zijn

in

om

gelijk

de leeuwrik slaat zijn vleugels uit en

bekleedde,

heerlijk

Geen ander dan

kan. het.

zoo

zijn

Alleen

is

meè zou

gebed van heel de Schepping voor Gods troon heeft

star

is

Immers,

ziel.

ding geschapen

opdat de mensch zijnen God er

alzoo de geroepen tolk der Schepping. Hij

het

men

is,

leeft er niet in.

religie

Maar ook maar

leidde overdrijving er vaak

liever het

samenhing af

te

oog van

wenden.

En

alles dit

wat niet

mag

wel gemakkelijk, maar het doet aan Gods eere tekort. Met

niet.

name

geheel het gebied van dat schoone in niet weinig Calvinistische kringen

den ban gedaan.

Het

is

of alle kunst uit den Booze

is,

en alsof het

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904

Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's

E voto Dordraceno - pagina 449

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904

Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's