E voto Dordraceno - pagina 120
toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Vierde deel.
ZOND. XL. HOOFDSTUK V.
122
steden dit ook ten onzent nog wel doet. Het waren meest huizen
groote
van ééne verdieping, en een steenen trap voerde van de straat naar
dit dak.
Bleef nu zulk een plat zonder leuning dan ontstond er gevaar, dat iemand
van
dit plat
naar beneden rolde, en
nu dat van Godswege aan bouwen, zoo zult
zult
uw dak
op
gij
bekocht met den dood. Vandaar
dit
geboden werd: „Wanneer
Israël
eene leuning
maken"
en dan volgt
;
waar het hier ten principale voor ons op aankomt: „opdat
er,
huis geen bloedschuld toch
om
óf
uw
icanneer iemand, vallende, daaraf viel." Dat
legt,
het te verhuren, moest zulk een leuning aanbrengen; en
dit niet deed,
hij
God
gij op
zoo beslist mogelijk gesproken. "Wie een huis bouwt, of voor eigen
is
gebruik, als
een huis
gij
en er
kwam
een ongeluk voor, dan stond
hij
voor
schuldig aan manslag. Het zou dan niet als een onvoorzichtigheid of
worden
vergeetachtigheid
maar
gegispt
als
een bloedschuld gestraft, en
alzoo vallen onder het zesde Gebod. geldt dus van elk gevaar, dat
Ditzelfde
doen
omheind
in bloedschuld.
omlaag;
onvoorzichtig
en
die
omgaat,
zijn leven,
een
huis
houdt,
niet afgezet en
die
dak niet in orde houdt, en er
glijdt
een pan naar
pan of bloempot schaadt eens menschen leven
zoodat
bloedschiud
er
brand ontstaat, en iemand
voor
is
Wie met een petroleumlamp
God op hem. Wie
zijn
bloedschuld niet ontkomen.
En
bij
lijdt
nu
zoo
schade
het bouwen van
werkmam
den steiger zoo zwak timmert, dat er een
kan aan
sterft,
zijn
bloedschuld niet ontkomen.
zijn
aan
regenbak
of
en een kind valt er in en verdrinkt, staat voor God
wie een bloemrekje uit het raam hangt, zoodat er een
afvalt,
kan aan
is,
Wie
ook
of
bloempot die
Wie een put
ontstaan.
behoorlijk
we voor eens menschen leven
is
afvalt en
het met al
wat menschenlevens in gevaar kan brengen. Met het bereiden van schadelijke stier.
Met het
spijzen.
Met het
laten loopen van een gevaarlijken
vrij
zoo woest rijden, dat er ongelukken van komen.
zonder lantaarn in den donker. Met het niet
rijden
bij
zich
hond
of
Met het
hebben van
goede reddingsbooten op zee. Met het doen schrikken van een paard. Met het niet in orde hebben van het seinstel op een spoor, zoodat de trein stuk rijdt.
Kortom onder deze bloedschuld voor God
kunnen
en
moeten
dat
voorzien,
er
valt een iegelijk, die
gevaar voor eens menschen leven
ontstaan kon, en die dit gevaar niet heeft voorkomen.
van deze gevallen denken of zeggen, dat wascht,
of
dat
de
weten moest wat hoeder.
God
stelt
hij
man
zelf
dan maar
deed. Dit
u in
is
gij
daarbij
uit eigen
God
zal het
Ge moogt
uw hand
in
geen
in onschuld
oogen moest kijken, of
niet zoo. Gij zijt wel terdege
uw
broeders
En hoe
ge
uw hand
al zulke gevallen aansprakelijk.
ook in onschuld poogt te wassen, het bloed van aan, en
had
van uw hand eischen.
uw
naaste kleeft er toch
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's