E voto Dordraceno - pagina 76
toelichting op den Heidelbergschen catechismus. Eerste deel.
ZOND. IV. HOOFDSTUK
70
En niet,
aan
dit
nu
alles
Want
kleeft schuld.
ook niet in het allergeringste. Dit gaat
door.
Want
zoend
zijn,
nazeggen,
mag
wel
en
een
ook
dat
Rome
het onwaar wat
is
hem
daarom
beproeving
is
„schuld
Immanuël
de
belet
die
omdat
stikt,"
Maar schuld
haar.
vandaar
en
zelfaanklacht,
dan
ze
eeuwig. Alle lijden
als
niet
men
vaak,
kan werken. Dat
uit
Vandaar dan de
ze niettemin.
is
tevens
God
van
kind
een
dat
vaak buiten het geloof raakt en
lijden zoo
Een verzoend
aan zijn zonde nog wel terdege schuld. Onze ouden
ook
kleeft
noemden dat
wel straf sou lijden. Zulk
Zoo min nu
lijden.
God
beweert en velen gedachteloos
kastijding. Maar, en dit vergeet
of
er
zonden ver-
al zijn
volstrekt ondragelijk.
is
is
een kind van
zelfs bij
God nog
van
kind
kan geen straf meer
persoon
zonde zonder schuld
een kind van God zeggen, dat
zeggen richt de afiaat weer op, en
voor
II.
weer
zijn lijden
als
in zijn
straf gaat
voelen.
Die schidd, die aan dat
uitwischbaar,
denk
één
enkele
zeventig
jaren
en
maal
één
kleine
man
zou
door
vrome
baar
zoo doordringend en on-
weten het wel, maar
zuiverheid
die
volkomen
in
kleeft, is zelfs
kleine zonde door haar inklevende schuld
we
kan,
niet
iemand
u
levens
wat
u,
zonde
ééne
van heiligheid ontmunten zou.
heel een leven
Denk
alle
reeds
geworden,
oud
onzondigheid
had
leugen
het eens; en
stel
de dagen zijns
al
had gewandeld, maar
gezegd,
—
en
die ééne leugen toch voor
die
ondenk-
eeuwig gemoord
liggen.
„Die
aan
maar
volbrengt,
„Vervloekt
geboden."
alle
vraagt
wet
de
al
is
struikelt in één gebod,
wie
niet
blijft
al
in
is
wat
schuldig
de
wet
!"
Hecht
dan
ook
niet
Want
„kleine" zonden.
verraadt en Petrus die zwaar. Zoo
is
dan ook
duidelijk,
vellen,
ongetwijfeld bestaat dat verschil. Judas die Jezus
hem
verloochent zondigen beiden,
ook nu nog moord erger dan
wellustzonden
Rechter",
aan het verschil tusschen „groote" en
zeer
te
buiten
en
het
de
gelijk
toemetende
lot
En
echt.
de
diefstal,
Heilige
maar
niet even
echtbreuk gruwelijker Schrift
leert ons
dan
volken toont ons, dat de „rechtvaardige
der
Catechismus schrikkelijker
zegt, straf
„een rechtvaardig" oordeel zal bij
meerdere
schriklijkheid van
zonde.
Maar lijk
zoo
genoeg
rispelijk
is
zondetjes!",
zonde,
iemand denken ging zijn.
mijn
—
altoos
:
„Nu, dan
zal mijn lot
nog altoos draag-
Ik doodde niet en stal niet en brak geen echt. Onbe-
wandel.
En
al
mijn
zonden
wete zulk een dan wel, dat de
zijn
zoo van die kleine
lichtste stvdf voor
ie minste
begint met een geworpen te worden in de buitenste duis-
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1904
Abraham Kuyper Collection | 667 Pagina's